Troefkaart racisme

Civis Mundi Digitaal #58

door Lode Goukens

Soms meld ik trots dat mijn moeder na het opvoeden van zes kinderen en het harde leven van een meewerkende echtgenote van een kleine bouwondernemer terug ging werken als poetsvrouw in het Justitiegebouw nadat de jongste 18 was. Wat ze daar zag ergerde haar vaak. Arrogante, vuile of onbeleefde advocaten (op de hoffelijke en respectvolle Piet Van Eeckhaut na dan) en vaak zinloze smeerlapperij door gefrustreerden die na een slecht vonnis de toiletten blank zetten. Maar wat haar als product uit eind de jaren 1960 en als hevige antiraciste verbolg was dat in de cellen in het gerechtsgebouw bijna uitsluitend vreemdelingen zaten. Vreemdelingen in de oude betekenis toen modewoorden zoals gastarbeider, allochtoon, migrant, medelander enzovoort nog niet in het woordenboek stonden. Vooral Oostblokkers zoals ze dat noemde en uiteraard veel Marrokanen (maar dat zei ze liever niet op die manier). Meestal ook drugsverslaafden en bijna altijd mannen. De rijkswachters en later de politiemannen die daar zaten waren lieverdjes. Die zeiden vaak, dat ze daar niet moest gaan poetsen want dat er weer een boef op de grond had gepist of gekakt. Zij zouden dat voor haar wel opruimen.

Groot bleek dan ook mijn verbazing dat de pers begin april met verontwaardiging vaststelde dat van de 235.844 personen die in 2016 door de politie verdacht werden van een misdrijf, 1 op 3 de buitenlandse nationaliteit had. Nu zal België wel niet anders zijn dan bijvoorbeeld Frankrijk, Duitsland, Zweden, Denemarken of Nederland. Maar met dergelijke cijfers draai je de burgers geen rad voor ogen. De mensen zijn misschien door de band dom, maar niet achterlijk. Dat een bende racisten en populisten zoals bij het Vlaams Belang pleit voor etnische profilering mag niet verbazen. De Belgische minister van Binnenlandse Zaken Jambon (N-VA) bedankte dan ook vriendelijk voor de suggestie.

Niettemin kan een maatschappij dergelijke problemen niet negeren. Temeer omdat de algemene nationale gegevensdatabank van de politie alle personen bevat die “na bekentenissen, betrapping of voldoende bewijzen als verdachte van een misdrijf kunnen gezien worden”.

Met de perfide agenda van extremistische politici is het natuurlijk steeds leuk om de opdeling per nationaliteit even in de verf te zetten.  De krant Het Laatste Nieuws meldde “Van de 235.844 mensen die in 2016 als verdachte werden geregistreerd, zijn er 155.241 (66%) Belg, 42.904 (18%) Europeaan en 37.699 (16%) niet-Europeaan.” Eén op drie vermoedelijke daders is dus buitenlander. Naast heel veel Belgen, Fransen en Nederlanders vallen vooral de Marokkanen en Roemenen behoorlijk op. Over de echte origine van die Nederlanders, Fransen en Belgen deed de minister geen uitspraken aangezien enkel het paspoort telt en niet de etnische afkomst (wat wettelijk ook niet mag genoteerd worden). Maar wie even nadenkt, voelt aan zijn water dat nationaliteit een ondeugdelijke manier is om het probleem te catalogeren.

Het is allemaal koren op de molen van partijen zoals Vlaams Belang dat vooral de racistische kaart speelt. Hun recentste campagne dramt over het feit dat Afghanen, Irakezen en Marokkanen de meeste sociale woningen kregen toegewezen, terwijl de wachtlijsten voor “Belgen” oplopen tot vier jaar of meer.

Figuur 1 de ronduit walgelijke sociale media campagne van Vlaams Belang

Ook hier geldt het feit dat nationaliteit niets zegt want veel Belgen zijn van Marokkaanse origine. Dat deze groep sociaaleconomisch zwakker is, blijft een feit en eigenlijk zijn ze dus zelf vooral slachtoffer van de opmars van Afghanen en Irakezen die in tegenstelling tot vele Marokkanen nooit sociale bijdrage betaalden in België. Maar er valt ook een andere conclusie te trekken. De tweede of derde generatie uit gastarbeidersgezinnen hebben vaak de dubbele nationaliteit en duiken misschien helemaal niet op in de statistieken. De Marokkanen die de extremisten een excuus geven om mensen die onze maatschappij zelf naar Europa haalde weg te zetten als een bende criminelen en profiteurs, zijn misschien afkomstig uit andere migratiegolven.

Het kopstuk van de racistische partij oreert dan ook: “We importeren criminaliteit, maar 4 op 5 uitwijzingsbevelen blijft onuitgevoerd.” Daarom wil Vlaams Belang ‘etnische profilering’ door de politie. Dit is tegen het zere been van de goegemeente. Zo waarschuwen volgens Het Laatste Nieuws criminologen dat dit averechtse effecten heeft. Over welke criminologen en over welke wetenschappelijk onderbouw zwijgt echter iedereen. Het kabinet van de minister van Binnenlandse Zaken is ronduit tegen etnische profilering.

De klassieke dooddoener luidt daar: “Ja, we moeten de problemen die er binnen bepaalde groepen van de bevolking zijn, durven benoemen. En daar ook tegen optreden. Maar hele groepen viseren voor het gedrag van enkelen, dat gaan wij niet doen”, aldus de woordvoerder van de minister.

Maar is dat wel degelijk zo? Werkt het verdoezelen van factoren die duidelijk deel van het probleem zijn? De afgelopen dertig jaar lijkt het in ieder geval niet echt zoden aan de dijk te hebben gezet. Een ander argument voor etnische profilering zou kunnen zijn dat meten weten is. Dat allerhande goedbedoelde maatregelen op basis van onvolledige informatie enkel tot perverse effecten kunnen leiden. Dat het wantrouwen van de burgers tegenover de overheid - die in hun ogen liegt en problemen onder het tapijt veegt uit politiek correcte motieven - enkel groeit door het steeds afketsen van een legitieme vraag van een weliswaar abjecte partij.

Een argument zou kunnen zijn dat racistische partijen juist garen spinnen bij de weigering om het fenomeen grondig te onderzoeken. Elke keer een extremist vragen stelt in het parlement of op het publieke forum over de ‘nationaliteit’ van criminelen krijgt de burger immers de indruk dat de elite zaken voor hem verborgen houdt.

De overweging om wel te gaan etnisch profileren zou echter enkele onverwachte voordelen kunnen opleveren. Ten eerste wijst men de betrokkenen duidelijk op hun verantwoordelijkheid en maakt men de troefkaart “allemaal racisme” onuitspeelbaar. Ten tweede weet de bevolking al lang hoe de vork aan de steel zit en zal dus de aantrekkingskracht van extremistische partijen nauwelijks toenemen. Ten derde geeft een degelijke statistiek de hulpverlening en de beleidsmakers de instrumenten in handen om doelgericht actie te ondernemen om de oorzaken en de gevolgen aan te pakken. Een strenger uitwijsbeleid of extra gevangenissen waar dusver mee geschermd wordt zijn immers heel dure maatregelen waar de burgers niets van merken, terwijl er aan de essentie van de zaak niks verholpen wordt. Het zijn fetisj-maatregelen die enkel de retoriek van de polarisatie aanzwengelen. Beter onderzoek van wat er aan de hand is zou allicht een besparingsoperatie op termijn kunnen zijn. Wie meent dat criminaliteit genetische oorzaken heeft moet vooral blijven weigeren te registreren. Dan zijn racisten en moralisten tevreden. Bien étonnés de se retrouver ensemble. Eigenlijk is de weigering etnisch te profileren in zaken als criminaliteit dus een racistische reflex. Het veronderstelt immers dat die relatie tussen genen en gedrag bestaat. Die conclusie zal vele Marokkaanse vaders en moeders allicht met droefheid stemmen. Het volstaat met vreemdelingen te praten om te weten dat zijzelf worstelen met die stigmatisering en wensen dat er iets verandert, maar ook vrezen dat elke verandering wel eens slecht zou kunnen uitpakken.  De enige manier om racisme tegen te gaan is open kaart spelen. Het zou een boel politici, ambtenaren en burgers uit een kramp verlossen.