Kernenergie: naar een warmere en radioactievere wereld

Civis Mundi Digitaal #118

door Jan de Boer

Je leest vaak dat de klimaatopwarming een « goddelijke verrassing » voor de nucleaire industrie is, dat deze de aan de schandpaal genagelde technologie na de catastrofes van Three Mile Island (Verenigde Staten, 1979), Tsjernobyl (Oekraïne, 1986) en Fukushima (Japan, 2011) weer van alle blaam is gezuiverd. Maar om recht te doen moeten we erkennen dat de atoomgeleerden van de jaren 1950, die de nucleaire energie hebben uitgevonden, ook de eersten waren die het probleem van de klimaatopwarming beschreven.

De geschiedenis begint in 1942 in het Met Lab (Metallurgical Laboratory) in Chicago, waar wetenschappers onder leiding van Enrico Fermi, Nobelprijswinnaar voor de natuurkunde in 1938, de eerste kernreactor het licht deden zien. Zij dachten zo niet alleen een bron van plutonium voor de atoombom te hebben uitgevonden, maar ook de bron voor de energie-toekomst voor de mensheid. Want vanaf het begin heeft de nucleaire industrie zowel gewezen op de uitputting van fossiele brandstoffen alsook op de klimaatontwikkeling. In 1953 publiceerde de Atomic Energy Commission (AEC) een rapport dat de absolute noodzakelijkheid van nucleaire energie aan het einde van de eeuw aantoonde (Palmer Cosslett Putnam, « Energy in the future », Van Nostrand). Drie argumenten werden aangedragen: de groeiende vraag naar energie, de komende uitputting van fossiele brandstoffen – inclusief steenkool – en de klimaatopwarming, waaraan een heel hoofdstuk werd gewijd. Een ernstig vraagstuk: « als het gebruik van energie het klimaat kan aantasten en het zeeniveau kan doen stijgen, moeten wij dat onderzoeken om alle twijfel weg te nemen ».

En aan deze taak gingen de wetenschappers, voor het merendeel vroegere wetenschappers van het Met Lab en altijd gefinancierd door de AEC, zich wijden. In 1953 publiceerde de Canadese natuurkundige zijn eerste artikelen over het risico van de klimaatopwarming, die overgenomen werden door de Washington Post en de New York Times. Ook in 1953 startte en superviseerde Charles Keeling een postdoctoraat aan het « California Institute of Technology » (Caltech): allereerst over een onderwerp gerelateerd aan atoomenergie (de extractie van uranium uit graniet), daarna een door de AEC gefinancierde studie over het oplossen van CO2 in de oceaan. Een paar jaar later was hij de auteur van de befaamde « kromme van Keeling », die de ononderbroken stijging van de CO2-concentratie in de atmosfeer beschrijft. De AEC financierde ook het onderzoek van Roger Revelle inzake de opname van CO2 door de oceanen, waarvan hij ook de grenzen aangaf. Deze wetenschappers bestudeerden het CO2 in de atmosfeer, de oceanen, de vegetatie en in het ijs, ook omdat zij een nieuw middel tot hun beschikking hadden: de isotopische analyse. Deze fundamentele onderzoeken dienden ook de door het AEC verdedigde burgerlijke nucleaire projecten.

Nu, driekwart eeuw later, heeft het atoom slechts een marginale rol in de mondiale energievoorziening en functioneert er geen enkele snelle kweekreactor. De meest met atoomenergie voorziene landen, Frankrijk en Japan, hebben, als we de geïmporteerde uitstoot ervan meerekenen, hun uitstoot aan CO2 niet zien dalen. De productie van elektriciteit is in werkelijkheid ook maar één van de bronnen te midden van alle andere bronnen van de klimaatopwarming, die verder onder meer door de landbouw, de productie van materialen en de internationale handel veroorzaakt wordt.

De klimatologische uitdaging is oneindig keer moeilijker en ingewikkelder dan de simpele keus tussen duurzame en nucleaire energie, waarbij zeker bij kernenergie onze op oneindige groei gebaseerde economie vergeten wordt. De atoomgeleerden van de jaren 1950 ontdekten een probleem dat veel verder ging dan de zeer dure oplossing die zij aanmoedigen (want behalve de bouw van reactoren moet je in de nucleaire energieprijs ook de kosten van toekomstige ontmanteling van de reactoren, de opslag van radioactief afval, beveiliging, etc. meenemen). Nu, driekwart eeuw later, reactiveert de nucleaire industrie met klem deze peperdure oplossing. Zo gaan wij dus naar een wereld toe die zowel warmer als radioactiever zal zijn, met alle mogelijke gevolgen van dien.

 

Geschreven in januari 2022