Is Metafysica dood? (36)

Civis Mundi Digitaal #36

Is metafysica dood? Felix & Sofie in Amsterdam publiceerde kortgeleden een programma over die vraag. Feitelijk, zo werd geconstateerd, was het Immanuel Kant die als eerste het doodvonnis over de metafysica uitsprak. Zijn ‘Kritik der Reiner Vernunft´ (1781) gaf het empirisme van Hume en Locke een solide fundering, maar veegde daarmee ook in een moeite door de vaste grond onder de metafysica vandaan. De klassieke metafysica tuimelde in een afgrond waar ze onmogelijk ooit nog uit omhoog leek te kunnen krabbelen. Maar onder het Duits Idealisme werden aan het begin van de 19de eeuw vernuftige pogingen gedaan haar te reanimeren, met Hegel als grote voorganger. Toch leek dat slechts een terminale stuiptrekking van een filosofisch patiënt die haar aanspraak op waarheid aan het verliezen was. De echte ontologische doodsteek leek uiteindelijk in de eerste helft van de 20ste eeuw uit de hoek van het logische positivisme te komen, door de metafysica te reduceren tot een bundeling van pseudovragen.

De logische positivisten hadden de afgrond waar de traditionele metafysica sinds Kant lag weg te kwijnen volgestort met beton opdat ze er nooit meer uit zou herrijzen. Wonderlijk is het daarom dat de metafysica herrezen is en springlevend blijkt op faculteiten wijsbegeerte. Nog wonderlijker is het dat die wederopstanding plaatsvindt binnen dezelfde school waar zij eerder voorgoed was afgeschreven, te weten de analytische wijsbegeerte. Hedendaagse analytisch filosofen als David Lewis, Ted Sider en Peter van Inwagen beweren nu doodleuk dat een substantiële en serieuze metafysica wel degelijk mogelijk is. Hebben we hier te maken met een onverwoestbaar lijkende metafysica, die we haar eminente plaats binnen de filosofie toch weer moeten teruggeven?

Hieronder naar aanleiding van een recente lezing een artikel over de onuitroeibare metafysische behoefte van de mens.