Is artikel 13 censuur? Europees Parlement stemt voor link tax en internetfilters

Civis Mundi Digitaal #61

door Lode Goukens

Het Europese recht in verband met intellectuele eigendom wordt momenteel hervormd. Op 20 juni 2018 stemde de commissie juridische zaken binnen het Europese Parlement (EP) over de richtlijn. Het aantal benodigde stemgerechtigde leden (24) werd net bereikt en op het allerlaatste moment kwam nummer 25 ook nog opdagen voor artikel 11 en artikel 13. De rest van de Europarlementariërs had blijkbaar dringender besognes de laatste dag van de lente. Niet één Belgisch of Nederlands Europarlementslid maakt deel uit van de commissie juridische zaken dat deze ingrijpende veranderingen van het Europese auteursrecht en het invoeren van preventieve censuur behandelde. Het voorstel van de richtlijn is volgens critici echter een kant-en-klare aanval op de persvrijheid volgens veel kenners.

Alles draait rond de draft of kladversie van de Directive on Copyright in the Digital Single Market (COM 2016(593) final). Dit voorstel kreeg vele amendementen en het afhaspelen van al die schriftelijke en mondelinge amendementen leverde een oersaai filmpje op van de zitting.[i]

Het Committee on Legal Affairs (JURI) of de commissie juridische zaken had al op 10 oktober 2017 moeten beslissen, maar door allerhande druk werd de stemming steeds uitgesteld. De stemming haalde het 20 juni tijdens de middagsessie net. Andere onderwerpen op de agenda waren bijvoorbeeld (JURI/8/09065) Three-dimensional printing, a challenge in the fields of intellectual property rights and civil liability. De felste kritiek kwam van de Duitse piratenpartij bij monde van Julia Reda die deel uitmaakt van de Groene fractie.[ii]

De stortvloed aan amendementen wijst op twee zaken: een slechte richtlijn die teveel zaken expliciteert en een aantal zeer kwalijke onderdelen lijkt te bevatten. Maar de amendementen duiden ook op een ander probleem. Allerhande belangengroepen en dan vooral vanuit zeer grote mediabedrijven en de industrie probeerden de richtlijn naar hun hand te zetten. Liefst 996 amendementen in totaal. Dit heeft ook een oorsprong in het voorontwerp dat de Europese Commissie op 14 september 2016 publiceerde. De controversiële Duitse Europese commissaris Günther Oettinger (CDU) drukte dit ontwerp door net voor hij van portefeuille diende te wisselen. Kwade tongen beweren dat deze Duitser de baan kreeg omdat Angela Merkel geen zwaargewicht in Brussel wou die haar eventueel in de schaduw zou kunnen stellen bij Europese foto-opportuniteiten.

De twee heikele punten zijn een nieuw soort naburige rechten[iii] ten voordele van mediabedrijven en uitgevers (artikel 11) dat de bijnaam link tax kreeg en een verplichte monitoring voor bedrijven zoals Google, Microsoft of Facebook (artikel 13). Wat de ene monitoring noemt is voor de andere een internetfilter die thuishoort in China. Artikel 13 kon op 15 tegen 10 stemmen rekenen. Eén van de vaders van het wereldwijde web (WWW) Tim Berners-Lee en de oprichter van Wikipedia, Jimmy Wales, uiten samen met dozijnen deskundigen al maanden kritiek op artikel 13 omdat het in hun ogen “a tool for the automated surveillance and control of its users” zou zijn. Met andere woorden de invoering van een automatische Big Brother. En bovendien een censuurmachine.

Ook de wettelijkheid van artikel 13 staat ter discussie. In zes lidstaten zou artikel 13 wettelijk zelfs verboden zijn. Met name in Oostenrijk, Finland, Tsjechië, Hongarije, Ierland en Nederland. Het filteren van elke upload op inbreuken op het auteursrecht betekent immers inbreuken op tal van nationale wetgeving betreffende privacy, vrije meningsuiting, censuur en dergelijke. Veel satire of memes zouden onmogelijk worden volgens de doemdenkers.

De Duitse europarlementariër Axel Voss (CDU) fungeerde als de rapporteur of verslaggever voor het EP in dit dossier. Voss is voorstander van naburige rechten die het overnemen van links of het overnemen van informatie van uitgevers een inbreuk op het auteursrecht maakt. Het verwijzen naar een artikel op de site van een krant zou voortaan geld kunnen kosten, vandaar de bijnaam link tax. Iemand die dus verwijst naar een artikel bij een krant zou de expliciete betalende toestemmingen moeten hebben en de filters zouden die sowieso blokkeren in eerste instantie. Zoiets klinkt niet enkel als overdreven, maar ook als onwerkbaar. Het is ook een compleet onrealistisch ontkennen van de hypertextualiteit van het Internet.

De vraag is wat al deze artikels in de richtlijn te maken hebben met het scheppen van een Digital Single Market (DSM). Een acroniem dat liefst niet te verwarren is met het diagnostische handboek voor psychische ziekten en aandoeningen. Het auteursrecht in Europa is sedert de Conventie van Bern in 1886 al ruim een eeuw tamelijk coherent georganiseerd. Al zijn er opvallende verschillen tussen de Angelsaksische en de continentale visie. Veel Amerikaanse en ook Britse principes zorgen al sedert de opkomst van computerprogrammatuur in de jaren 1980 voor spanningen (en voor ridicule voorwaarden die onwettelijk zijn buiten de Verenigde Staten maar toch steevast opgelegd worden aan consumenten). In de praktijk had Europa dit probleem al lang opgelost.

cultuurverschillen

De cultuurverschillen zorgen af en toe wel voor echte botsingen. Bijvoorbeeld de visie op het patenteren van genen of het toekennen van octrooien verschilt danig. Ook de regelgeving op privacy ligt totaal anders (getuige hiervan de recente invoering van GDPR in Europa en de bespottelijke misverstanden die tot honderden nutteloze e-mails leidden eind mei 2018). Net als bij GDPR waar bestaande wetgeving eigenlijk al bijna alles regelde en de invoering van GDPR vooral voor zeer veel slecht en te duur betaald advies zorgde, zal de nieuwe richtlijn afhankelijk van de vorm van implementatie voor veel omzet zorgen bij consultants allerhande. Nochtans heeft de Europese Unie haar eigen Europese patenten en haar eigen octrooibureau (EPO). Het EPO heeft zijn hoofdkantoor in München en een bijhuis in Rijswijk (ook in Brussel, Berlijn en Wenen zijn kleinere vestigingen).[iv] Ook merken en ontwerpen zijn in Europa al lang geregeld en het merkenregister draagt tegenwoordig de naam EUIPO.[v] Dit agentschap in het Spaanse Alicante overkoepelt de nationale organisaties en zorgt voor een paneuropees merk of ontwerp (design). De harmonisatie met het Benelux-Bureau voor Intellectuele Eigendom (het vroegere Benelux-merkenbureau), dat onder de ministeries van Economische Zaken van de Benelux-lidstaten ressorteeet, is reeds verregaand doorgevoerd. De enige uitzondering is het deel van het auteursrecht of copyright dat nu aaneenhangt van allerhande losse richtlijnen zoals de databankrichtlijn, software-richtlijn... enzovoort. Nochtans heeft die oude wetgeving de Europese integratie dusver niet belemmert. Julien Benda schreef reeds in de jaren 1930 dat Europa ééntalig zou zijn of niet zou zijn.[vi] Hoewel Europa cultureel quasi homogeen is sedert de middeleeuwen, zullen taalverschillen altijd leiden tot institutionele verschillen. Verschillen door interpretatie. Ironisch genoeg betekent interpretatie juist vertaling. De omzetting van een richtlijn noemen ze dan weer translatie, wat eveneens vertaling betekent. GDPR was een uitzondering omdat het als wet van bovenaf werd opgelegd aan de lidstaten zonder dat de lokale wetgevers eraan te pas kwamen. De echte agenda bij de auteursrechtrichtlijn zijn wel eens het opleggen van één systeem van bovenaf dat in de juridische hiërarchie op het niveau van het verdragsrecht komt en alle nationale of lokale gebruiken en wetgeving van tafel veegt. Welke gemeenschap wil haar gebruiken qua persvrijheid, auteursrecht enzovoort plots uitgewist zien door minder expliciete of correcte wetgeving? Spanje was in de zestiende eeuw geen goed voorbeeld voor wetgeving en het respecteren van (burger)rechten en sedert vorig jaar zal niemand in de Benelux zijn of haar auteursrecht, persvrijheid en dergelijke willen laten vormgeven naar Spaans model, waar aanzetten tot seditie of separatisme strafbaar is. Het enige systeem dat Europa dus zou kunnen opleggen zou een systeem zijn dat de zuiverste en strengste bescherming van de grondrechten van auteurs en burgers uit alle lidstaten als norm neemt. De zogenaamde kleinst gemene deler. Een artikel dat in één van de lidstaten als onwettig zou kunnen gelden zou dus bij voorbaat uit de richtlijn moeten. Helaas zal niet het beste van iedereen de norm worden, maar zal het dus een grootst gemene deler worden. Een richtlijn met een stapel of bende waan van de dag zoals filtering en monitoring om machtige mediabonzen te plezieren en niet om auteurs te beschermen. De concentratie van de media zullen de norm zijn en niet de vrije nieuwsgaring.

Kritiek is ook niet helemaal koosjer

Dat de opposanten van de nieuwe richtlijn ook niet allemaal zuiver op de graat zijn, mag ook niet uit het oog verloren worden. Illegaal kopiëren, piraterij en plagiaat moeten strafbaar blijven en eventueel binnen de hele Europese Unie op eenvoudige manier tot vervolging en onmiddellijk ingrijpen kunnen leiden. Dat kan enkel door een geharmoniseerde wetgeving. Jammer genoeg schiet de richtlijn wat dit betreft ontzettend te kort. Door een schot hagel te lossen en het debat te vervuilen met censuur, filters en dergelijke, missen de Europese Commissie en het Europese Parlement hun doel grotendeels. De paar loodjes dit in het doelwit terechtkomen hebben nauwelijks impact.

De kans is dus niet denkbeeldig dat de nieuwe richtlijn voor allerhande conflicten gaat zorgen omdat bepaalde elementen in strijd blijken met enerzijds de bestaande wetgeving en anderzijds nationale grondrechten of zelfs het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

Wat Europarlementariërs zoals Voss puur technologische aanpassingen noemen luidt volgens critici een preventieve censuur in. Het zou een invoeren van auteursrecht op informatie tot gevolg hebben. Informatie kan in principe niet beschermd worden, de vorm van de informatie daarentegen natuurlijk wel. De EU zou beter eerst een duidelijk onderscheid maken tussen bronnen, informatie, media en echt auteurswerk. Zonder afbakening van wat auteursrecht is en welke criteria bepalend zijn voor het opbouwen van auteursrecht zodat niet alle informatie plots copyrighted wordt, is de hele oefening één groot tijdverlies. Het auteursrecht kent nu een hele reeks uitzonderingen zoals het citaatrecht en het gebruik in besloten kring in het onderwijs. Het new publisher’s right  of link tax wil daar een inkomstenstroom naar mediabedrijven van maken. De zeer dure campagne met allerhande studies van advocatenkantoren en onderzoeksinstituten die de krantenuitgevers de wereld in stuurden geven netjes aan hoezeer de mediamogols op deze manier hopen agregators en zoekmachines te kunnen dwingen een hoge page ranking te geven zonder de informatie te tonen.[vii] Amerikaanse toestanden waarbij je naam onder een stuk van Mozart zetten volstaat om er auteursrecht op te kunnen eisen kan Europa missen als kiespijn. Nu scannen Amerikaanse roofbedrijven oude boeken van meer dan 75 jaar geleden en registreren een ISBN-nummer en verplichten Google Books om het hele boek onzichtbaar te maken omdat zij menen een auteursrecht te bezitten omdat ze afgedrukte scans verkopen van andermans werk via Amazon on eBay. Door naburige rechten veel te ruim te definiëren zet de EU volgens critici de deur open naar toestanden zoals bij het professionele voetbal waar vrije nieuwsgaring moest wijken voor exclusieve uitzendrechten voor de hoogstbiedende. Het voetbal kwam achter een paywall. Dit leidde tot talkshows over voetbal waar niet één beeld van de competitie te zien was zoals op de Vlaamse publieke omroep VRT. Portretrechten van publieke figuren moeten geld opbrengen voor hun management en de imago building onder controle houden. Dat een adverteerder betaalt voor het gebruik van een smoel is logisch, dat de vrije pers dit moet doen is de waanzin nabij. Dat is ook het grootste mankement van de richtlijn. Het recht op informatie en de vrije informatiegaring ontbreekt compleet. De eerste verliezers zijn dan meestal de journalisten en vervolgens hun lezers, luisteraars of kijkers. Hopelijk dat in de plenaire zitting van het Europees Parlement een stevig debat plaats vindt, want de Europese Raad van regeringsleiders zal eerder voor de economische belangen kiezen dan voor het algemeen belang.

Lode Goukens

 

Bibliografie

Benda, Julien. 1933. Discours à la nation européenne. Paris: Gallimard.

 



[i] http://www.europarl.europa.eu/ep-live/en/committees/video?event=20180620-0900-COMMITTEE-JURI

[ii] https://juliareda.eu/eu-copyright-reform/censorship-machines/

[iii] https://www.publishersright.eu

http://copyrightblog.kluweriplaw.com/2018/04/19/proposed-press-publishers-right-5-historical-lessons-learn/

http://epceurope.eu/emma-enpa-epc-and-nme-welcome-the-support-of-european-parliament-rapporteur-axel-voss-for-a-publishers-right/

[iv] http://www.epo.org

[v] https://euipo.europa.eu/ohimportal/nl/about-euipo

[vi] (Benda 1933)

[vii] Bijvoorbeeld het rapport van Hausfeld. https://www.publishersright.eu/additional-resources

Dat de uitgevers zich in het verleden hevig verzetten tegen auteursrechten op digitaal hergebruik en bijhorende betalingen aan journalisten staat wel heel haaks op die strategie. Zie ook https://www.theparliamentmagazine.eu/printpdf/6578