De Losgeldpolitiek. Excuses voor Belgisch kolonialisme

Civis Mundi Digitaal #79

door Lode Goukens

De roep om de regering of het officiële gezag zich te laten excuseren voor het kolonialisme duikt steeds meer op. Vanuit een historisch perspectief valt daar heel veel voor te zeggen. Historisch gezien vindt bijna iedereen in onze maatschappij terecht dat kolonialisme verwerpelijk was. Over slavernij en racisme is de consensus zo nodig nog groter. Compleet ongepast. Toch duidt de roep om die excuses op een maatschappelijk probleem NU.

 

 

Figuur 1 zeer foute reclame, bron: (Vandersluys 1949))

Uiteraard duidt het op een maatschappelijk probleem” zullen de voorstanders van het excuseren voor kolonialisme in de 19de eeuw en de eerste helft van de 20ste eeuw zeggen. Het volstaat om boeken zoals King Leopold’s Ghost te lezen.[i] Hoewel hier eerst zal op ingegaan worden, zal in dit essay ook gewezen worden op meer essentiële hedendaagse motieven en problemen die wijzen op een ontwrichting die hetzij oorzaak, hetzij gevolg is van deze hoofdzakelijk geïmporteerde roep om publieke excuses en reparatie omtrent de koloniale geschiedenis.

De geest van koning Leopold II en de plundering van de Congowas een baanbrekend boek, maar ook een tikje eenzijdig en polemisch. Bovendien geschreven door een Amerikaan met Amerikaans denkkader. De briljantste passage in dat boek is waar Hochschild beschreef hoe Leopold II als eerste in de geschiedenis een soort humanitaire NGO oprichtte en met moderne public relations trucs de boel zo manipuleerde dat hij als redder en hoeder van Afrika en bestrijder van de slavernij door islamo-swahili mensenhandelaars naar voor kon treden en tegelijkertijd de Fransen en Engelsen de loef afsteken. Ook Wesseling heeft dit meermaals beschreven.[ii] Eigenlijk is dit PR-stuntje ironisch want dit essay zal proberen uit te leggen dat het net hetzelfde soort hidden agenda is dat deze plotse schreeuw om aandacht voortbrengt. Allereerst moet duidelijk gemaakt dat de kolonisering van de 19de eeuw en die van de 16de en 17de eeuw in bijna niets te vergelijken waren. De hele 19de-eeuwse koloniale race werd verkocht als geografische ontdekkingstocht en civilisatiebeweging terwijl het gewoon een imperialistisch project bleek om grondstoffen te garanderen aan de eigen nationale industrie.

Een tweede waarschuwing geldt dat geschiedenis een work in progress is en dat Hochschild geen historicus maar een Amerikaanse journalist was. Het aantal doden (tien miljoen) dat Hochschild uit zijn hoed toverde bijvoorbeeld bleek echter pure fictie. De tien miljoen doden is demografisch niet vol te houden, maar het aantal directe slachtoffers liep wel in de tienduizenden over een periode van 1885 tot 1908. Als de Verenigde Naties over honderdduizenden doden praat in het nu al jarenlange conflict in Congo -dat nota bene een bevolkingsexplosie kende na de onafhankelijkheid - waar de uitbuiting en slavenarbeid in de coltanmijnen, diamantmijnen en goudmijnen bijna letterlijk gekopieerd lijken uit de annalen van Congo Vrijstaat zou bijna elk logisch denkend persoon al tot die conclusie moeten komen dat miljoenen doden enkel kan op industriële wijze en dat het alleen al logistiek en qua mankracht compleet onmogelijk was. Het boek veroorzaakte of versterkte een soort leyenda negra ten koste van een ministaatje wiens kolonie de ogen uitstak van de grote mogendheden van die tijd (Frankrijk en Groot-Brittannië).[iii] Zo werd het ook verkocht op school aan Belgische kinderen tussen 1918 en 1998 die leerden hoe een sluwe Leopold II de grootmachten had geflikt en België tegen haar zin een kolonie had gegeven die haar ooit welvaart, territorium en prestige zou geven. Wat die welvaart betreft, valt dat behoorlijk tegen. Enkele grote holdings van de Generale Maatschappij (na 1906) en de koninklijke familie niet te na gesproken zijn alle beweringen over geldstromen enorm overdreven en qua overheidsinkomsten was het saldo zelfs negatief.

Historische waarheid

Toch werd al in de 20ste eeuw op scholen het handen afhakken op rubberplantages in het lesprogramma geschiedenis opgenomen. De massale executies enzovoort daarentegen stoelen op een aantal incidenten die Hochschild ook beschreef. Beweren dat dit geen algemeen geweten zaak was ging misschien op voor New York, maar niet voor de Belgische publieke opinie. De Force Public bestond uit officieren uit het Belgische leger die verlof zonder wedde kregen om die lucratieve dienst te gaan uitvoeren, maar het merendeel van deze Europese militairen waren vooral Fransen, Zwitsers en zelfs Britten. Vanaf 1908 was het in Belgisch Congo afgelopen met die veredelde huurlingen en avonturiers (tot na de onafhankelijkheid ironisch genoeg). De mentaliteit in alle koloniale legers van die tijd was quasi identiek wat dit betreft volstaat het de film Lawrence of Arabia te bekijken of het boek Seven Pillars of Wisdom van Lawrence te lezen.[iv] Joseph Conrad’s Heart of Darkness geeft echter een scherp maar niet zo fraai beeld. Zelfs zonder de film Apocalypse Now nog steeds een zeer lezenswaardig boek te koop in Penguin-editie (althans toen ondergetekende het kocht en las rond 1992).

Die Congolese zwarte legende werd door protestantse en Angelsaksische missionarissen als fundraiser opgezet om in de eerste plaats hun missionering te financieren en niet om schendingen van mensenrechten te bestrijden. Zelfs Hochschild vermeldt dit uitdrukkelijk maar uiteraard slechts in de marge. Zijn focus ligt op de wreedheden. Het feit dat de misdaden, de mensonterende praktijken enzovoort in Congo Vrijstaat zo extreem waren was het gevolg van het koninklijke monopolie en het exploitatieve commerciële karakter.[v] Bovendien kon Leopold II niet rekenen op doofpotoperaties van ministeries van koloniën in Parijs, Londen of Berlijn (in Namibië vond onder Duits bewind zelfs een heuse genocide plaats die pas decennia later internationaal bekend raakte). De censuur en zelfcensuur bij de dagbladpers van de koloniale machten was groot wat betreft hun eigen kolonies. Over die in andere landen berichtte men uitvoerig wanneer het uitkwam, maar in België was de pers vrij van censuur (al was er zoals nu een grote mate van politieke correctheid, maar door de grotere ideologische diversiteit in de Belgische pers fulmineerden radicalen en socialisten uitvoerig over de verdrukking). Opmerkelijk is ook dat de Belgische publieke opinie zelfs overwegend antikoloniaal was en steeds is gebleven na de verkoop aan de Belgische Staat. U leest het goed: verkoop door het koningshuis. Voor een destijds astronomisch bedrag. Een détail dat blijkbaar enkel Jean Stengers durfde te onderzoeken. Het leidde tot felle debatten in het parlement (de liberalen en de socialisten waren absoluut tegen het kolonialisme). Die kostprijs voor de Belgische Staat werd sedertdien doodgezwegen. De voorwaarde van het parlement was dat de kolonie zelfbedruipend hoorde te zijn en de schatkist niks mocht kosten. Waarom de regering die ongewenste aankoop deed op 25/11/1908 en waarom de koning haar verkocht vergt niet veel verstand. Ten eerste omwille van de schande voor de progressieve Belgische Staat en ten tweede om een astronomisch bedrag te ontvangen.

De roep om de Belgische Staat een institutionele verantwoordelijkheid te laten opnemen is daarom eigenlijk te belachelijk voor woorden (men leze de werken van Stengers), maar dat argument terzijde gelaten kunnen best enkele feiten op een rij gezet. België heeft vanaf 25 november 1908 gepoogd een modelkolonie uit te baten en bij de eerste de beste gelegenheid om ze kwijt te spelen ging de regering in op de vraag om onafhankelijkheid. Dermate dat de Congolezen zelf zich een ongeluk schrokken en onvoorbereid binnen zes maanden een enorm land moesten besturen. Met alle gevolgen van dien. De genocide van de Baluba door Lumumba is zo’n verzwegen historisch evenement. Die postkoloniale gevolgen zijn de enige reden dat er nu een grote Congolese gemeenschap in België leeft (in Nederland overigens ook wat weinig geweten is). België heeft altijd gepoogd de Congolezen in Congo te houden, pas na de onafhankelijkheid kwamen dissidenten van Mobutu naar België, gevolgd door een massale economische migratie in de jaren sinds 1980 toen Zaïre compleet kapseisde als staat. Die dus vrij recent gearriveerde Congolezen hebben dezelfde band met de Belgische Staat als de Nigerianen, Ghanezen en andere immigranten uit zwart Afrika (die in andere voormalige koloniale machten zoals Frankrijk en Groot-Brittannië wel aanwezig waren in het straatbeeld voor de onafhankelijkheidsgolf van de jaren 1960). Het verschil is dat die andere groepen zich niet kunnen beroepen op het Belgische koloniale verleden om aandacht te trekken op hun situatie. De zwarte jeugdbendes in Brussel die zich spiegelen aan de Crips in de Verenigde Staten zijn de meeste extreme vorm van een ander fenomeen. Het fenomeen dat Amerikaanse toestanden zoals Black Lives matter, gangstarapcultuur en de hele racismeretoriek nageaapt worden en in onze maatschappij onder het mom van een postkoloniaal probleem. Een probleem dat zich niet stelt bij om één groep te noemen bijvoorbeeld Pakistani die in Engeland wel racistisch bejegend worden en in België ook een omvangrijke groep vormen die nauwelijks last lijkt te hebben van discriminatie.

Social media activisme

Die via sociale media opgepikte Amerikaanse racismeretoriek is een dankbaar topos bij bepaalde partijen ter linkerzijde. Dat de Congolese gemeenschap gemiddeld zo hooggeschoold is, blijkt niet de verdienste van Congo of destijds Zaïre. De jongste generaties hebben allemaal hun opleiding genoten in Vlaanderen of Wallonië. Wat dat betreft is een deel zelfs een soort modelmigranten door hun bovengemiddelde scholingsgraad. Een ander deel zoals de straatbendes en oplichtersbendes vormen wel een serieus probleem dat systematisch gebagatelliseerd wordt en zelfs de zelfcensuur niet door komt bij de mainstream media. De protestantse sektes (voornamelijk de Pinksterbeweging of pentecotistes) binnen de Congolese gemeenschap en de mensenhandel vormen andere maatschappelijke problemen die verder gaan dan grote zwartgeldstromen en illegale transacties. Het Informatie- en Adviescentrum inzake Schadelijke Sektarische Organisaties (IACSSO) repertorieerde bijna 1200 sektes naast de Getuigen van Jehova en Scientology zijn dit bijna allemaal Pinksterkerken met hoofdzakelijk Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse leden.[vi] Het tweejaarlijks verslag van 2013-2014 meldde: “Naast meer algemene vragen over organisaties keren voornamelijk twee categorieën van vragen geregeld terug: ten eerste vragen over de verschillende protestantse organisaties (in hoofdzaak de pinksterbeweging, de charismatische beweging en de ontwakingskerken, vooral van Afrikaanse origine), die samen met de vragen over de getuigen van Jehova meer dan 15 % van de vragen vertegenwoordigen.” En in het verslag van 2015-2016 werd dit: “Naast meer algemene vragen keren voornamelijk twee categorieën van vragen geregeld terug: ten eerste vragen over de verschillende protestantse organisaties (in hoofdzaak de pinksterbeweging, de charismatische beweging en de opwekkingsbeweging, vooral van Afrikaanse origine), en andere organisaties zoals de mormonen en in grotere mate de getuigen van Jehova die samen meer dan een vijfde van de vragen vertegenwoordigen.”

 

Figuur 2 de opdeling door IACSSO met gemelde vragen over christelijke sektes

In 2012 verscheen hierover een wetenschappelijk artikel in Brussels Studies door de antropologe Maïté Maskens.[vii]In de Brusselse context worden de bewegingen, de mobiliteit en het migratieproject opnieuw geïnterpreteerd en tegen het licht van de realisatie van het « plan van God » gehouden” aldus Maskens in haar conclusie. Dat het vooral een manier is om na de migratie zwarte extra inkomsten te verwerven vanuit hun gemeenschap zal wel de observatie zijn van een buitenstaander zoals ondergetekende. Dat lidmaatschap van een sekte niet bepaald bijdraagt tot de tewerkstellingsmogelijkheden hoeft geen verder betoog.

symptomen

Die sektarische afzondering binnen de maatschappij hoeft geen groot maatschappelijk effect te hebben, maar het is een symptoom. De onderliggende mechanismen zijn veel fundamenteler. Het gaat immers over integratie. Hoewel op het eerste zicht volkomen geïntegreerd, uit de Congolese diaspora zich op een naar onze normen normale assertieve wijze. Hun taalgebruik Nederlands of Frans is meestal vlekkeloos (enkel dit zeggen kan al op beschuldiging van racisme uitdraaien). De boodschap echter is één van onnoemelijke frustratie. Frustratie die ten dele terecht is. Racisme is onuitstaanbaar, maar besluiten dat de maatschappij racistisch zou zijn en dat het racisme geïnstitutionaliseerd zou zijn, is meerdere bruggen te ver. Eigenlijk is het een doorslagje van de hele zwartepietproblematiek. Daarbij komt dat dit zich affirmeren als slachtoffer diegenen status en inkomen verschaft. Columns, lezingen, tv-optredens… op basis van notoriëteit gebaseerd op enerzijds huidskleur en afkomst en anderzijds hameren op het racistische onrecht dat zich overal manifesteert. Het is dus een vorm van profileren. Dusver vrijheid blijheid, je kan iemand niet verwijten dat ie zijn brood probeert te verdienen en daarbij zijn gekregen talenten of gebreken inzet. Een mooie meid kent voordelen, waarom zou iemands huidskleur dan niet mogen geïnstrumentaliseerd worden voor die persoon zijn of haar inkomen. De media is immers infotainment en vaak niet meer dan slecht theater. Zonder polarisatie flauwe debatten op tv. Of het nu een Antwerps accent is, lengte, dikte of afkomst het kan allemaal nadelen opleveren en dus is het maar billijk dat als het een keer een voordeel oplevert die kans met beide handen gegrepen mag worden. Of zoals de voetbalfilosoof zei elk nadeel heb ze voordeel (een vrije vertaling van every cloud has a silver lining).

 

Figuur 3 Kuifje in Congo

Maar wat als racisme geen factor van betekenis is in de meerderheid van de situaties? Wat als de excuses die geëist worden ten eerste de eiser niet toekomen en ten tweede ook niet de verantwoordelijkheid zijn van diegene van wie men ze eist? De kolonialen waren racistisch in een racistische tijd en context (cfr afbeelding uit een Nederlands handboek voor reclame uit 1949; het was hét voorbeeld bij de passage over humor in de reclame). Maar dit latent racisme is in geen enkele wijze te vergelijken met het gewelddadige racisme in de Verenigde Staten of Zuid-Afrika. Waren de Belgen racistischer dan de Fransen, de Britten of de Portugezen? Hoe manifesteerde dit zich? Eisen zoals Bambi Ceuppens deed dat Kuifje in Congo gecensureerd en uit de handel gehaald dient te worden is juist omwille van die historische context net het omgekeerde van wat kan bijdragen tot het begrijpen van die historische context.[viii] Dat paternalisme en die stereotyperingen horen bij de context van 1931, net zozeer als katholieke missen in Latijn, lijfstraffen op school, korte broeken bij volwassen padvinders en zelfs reactionaire autoritaire politieke voorkeuren bij een deel van de bevolking.[ix] Tintin au Congo/Kuifje in Congo is allicht de bekendste strip uit de koloniale periode. Bij Casterman verscheen in november 2018  Les Tribulations de Tintin au Congo van Hergé-expert Philippe Goddin. Philippe Goddin bracht een niet-gepubliceerde versie van het Afrikaanse avontuur van Kuifje en Bobbie. Eind januari 2019 zou ook een ingekleurde versie van het oorspronkelijk zwart-witte album uit 1931 verschijnen bij Casterman omwille van het 90-jarige bestaan van Tintin/Kuifje. Einde de jaren 1940 werden de eerste negen albums van Kuifje door Studio Hergé hertekend en in kleur uitgegeven. De oorspronkelijke edities waren lang onvindbaar, onbetaalbaar en de heruitgaves in zwart-wit uit de jaren 1990 waren bibliofiel, duur en minder succesvol. Omdat de ingekleurde versie van Kuifje in het land van de Sovjets 300.000 exemplaren verkocht zou het tweede verhaal dus ook uitkomen.[x] Onmiddellijk probeerden tal van personen op het wereldwijde succes van Kuifje te teren door de controverse te zoeken: “Hergé creert zonder het te weten een politiek werk dat deel uitmaakt van een coloniale propaganda met als doel een bezetting te rechtvaardigen en geweldadigheden te verzwijgen” aldus François-Luc Doyez. Dat Hergé reeds in de jaren 1960 gewezen had op veranderende mores en opriep naar zijn later werk te kijken hoe hij mee evolueerde baatte niet. Het kapen van een media-event is de ideale manier om aan agendasetting te doen. De hele hetze leidde tot het vernietigen van de gedrukte exemplaren door de Franse moedermaatschappij Madrigall. Vervolgens kwam enkel een online versie uit genaamd Kuifje in Congo remasterized. Vervolgens nam men Apple onder vuur en als Amerikaans bedrijf gruwen die natuurlijk van elke beschuldiging van racisme, waardoor het rondje media-aandacht nog eens gekaapt kon worden.

 

Figuur 4 les tribulations de Tintin au Congo

Losgeldpolitiek

De formule is identiek als die waarbij Zwarte Piet werd aangegrepen om dit kinderfeest te vergallen en er een debat over racisme, kolonialisme, discriminatie en uitbuiting van te maken. Het lijkt het lot van al wat succesvol is bij een groot publiek om dit voortaan te onderwerpen aan ransom tactics. Losgeldpolitiek met andere woorden. Het is al millennia de aanpak van piraten: kapen en losgeld eisen. In een maatschappij die gericht is op vrede en burgerschap blijkt de losgeldpolitiek erg efficiënt te werken. Alleen ondermijnt die taktiek die maatschappij wel. Die samenleving leeft in een staat die een natie vormt. België en als deelstaat Vlaanderen. Door de grote migratie van de afgelopen 40 à 50 jaar is het volk geen etnisch gegeven meer, maar eerder een burgerlijk gegeven. Het is de aloude opdeling tussen de etnisch-nationalistische visie en het linguïstische nationalisme van Mazzini. Of tussen het Franse staatsnationalisme versus het Duitse volksnationalisme. Hans Dijkhuis beschreef het onlangs nog eens meesterlijk in zijn boek De verdeelde aarde.[xi] Kenmerkend voor een natie is niet de nationaliteit maar de gemeenschappelijke cultuur en geschiedenis, maar ook wat gemeenschappelijk vergeten wordt. Ernest Renan verwoordde het als volgt: L’oubli, et je dirai même l’erreur historique, sont un facteur essentiel de la création d’une nation”.[xii] De weigering om mee te gaan in dit collectieve geheugen en die collectieve cultuur duidt op een fundamentele onwil om te integreren en deel uit te maken van die maatschappij of natie. Dit hoort bij de huidige identity politics die vanuit de VS overgewaaid zijn. Erfgoed is niet meer waardenvrij, maar moet nieuwe connotaties krijgen die dienstbaar zijn voor de identity politics van subgroepen. Tradities dienen als object voor ransom tactics omdat het goed is voor controverse. Controverse levert airtime op, de zendtijd in de media vertaalt zich in macht of geld. De sociale media versterken dit exponentieel en zo verzeilt een onderwerp in een spiraal van polemisch opbod en dit alles voor boekenverkoop, politiek gewin of vanuit een soort narcisme.

frankensteinideologieën

Door de fragmentatie van de betekenis of het willen censureren van betekenislagen probeert één minderheid haar agenda op te leggen. Die trend tekent zich af en waait met elke golf over vanuit de VS. Topics als gender issues, veganisme, racisme enzovoort volgden allemaal die route. Dit gaat niet over de contextuele verschillen in de geschiedenis, dit gaat over politiek en lobbying. Daarbij komt dat een nieuw postmodern fenomeen van frankensteinideologieën opduikt. Een soort doe-het-zelf-ideologie met knippen en plakken. Een ideologisch buffet. Zoals moslimmigranten een compleet nieuwe islamdoctrine uitvonden op basis van Wahabisme met oliedollars als identiteitspolitiek, zo willen Belgen, Nederlanders of Vlamingen met Afrikaanse wortels (die vaak zelf meestal zelfs geen deel uitmaken van een Afrikaanse gemeenschap) een net als bij die fundamentalisten grotendeels een van elders ingevoerde wereldvisie opleggen. Een doctrinaire visie gebaseerd op de slavenhandel en het institutionele racisme in Amerika. Verontwaardiging over racistisch geïnspireerde politiebrutaliteit uit Georgia als rolmodel voor zelfbediengedrag in West-Europa. Een slachtoffercultuur over historisch twijfelachtige feiten waarmee ze niet de minste historische banden hebben en dit puur op basis van raciale gronden. Het is een negatie van hun integratie. Dat die negatie deels veroorzaakt wordt door racistische interacties in het dagelijkse leven lijdt geen twijfel. Niemand ontkent dat. Anders zijn kan soms moeilijk, hard of confronterend zijn. Vraag het aan autisten, fysiek gehandicapten, heel dikke mensen... Als kind loop je tegen allerhande vooroordelen aan omdat je ofwel te jong bent, omdat je een meisje of een jongen bent of tal van andere redenen. Als volwassene komt het ook voor. Maar is die individuele ervaring in een individueel geval daarom meteen te veralgemenen als een vaststaande praktijk of traditie? Om vanuit die observatie dat iemand niet erg tactvol of gewoon onfatsoenlijk is omwille van je huidskleur bovendien meteen de relatie te leggen met onuitsprekelijk leed meer dan honderd jaar geleden op een ander continent en vervolgens alle medeburgers van erfzonde te betichten is ronduit grotesk.

Minderwaardigheidscomplex?

Vroeger zou men zoiets een minderwaardigheidscomplex genoemd hebben, maar dat is uiteraard niet politiek correct. Feit is wel dat in het onderwijs iedereen gelijke kansen krijgt, hoewel niet iedereen gelijke omstandigheden heeft. In de gezondheidszorg idem. Bij de overheid wellicht ook. Dat migranten meestal geen startkapitaal hebben wanneer ze hier aankomen en vaak als enig netwerk mensen in een socio-economisch even zwakke positie is evident. De luidste roepers in het debat echter kregen die kansen overduidelijk en hebben ze ogenschijnlijk zeer goed weten te benutten. Dat Congolese migranten dezelfde dromen of aspiraties hebben als consument en zich tekort gedaan voelen… het zal wel. Dat ze even graag grote sier maken zal waarschijnlijk ook wel. Legio zijn de voorbeelden van bedrijven die geen opdrachten méér willen doen voor Congolezen zonder volledige voorafbetaling omdat iets willen en iets kunnen betalen twee verschillende zaken zijn. Veel ondernemers hebben dit met scha en schande geleerd. Als een gewone klant gewoon afrekent en een Congolese bij afhaling twee à drie uur loopt te discuteren en te klagen over de vooraf afgesproken prijs en een handelaar die “klant” dan buiten flikkert. Is zoiets racisme? Het klinkt meer als zelfbehoud en gezond verstand.

Deze cultuur van entitlement is een veel groter probleem dan het vermeende en beweerde racisme van de witte Belgen, Vlamingen of Nederlanders. Die attitude van entitlement en het feit dat velen op valse gronden migreerden (wie kan ze verwijten dat zij of hun ouders een beter leven zochten) en jarenlang leefden en studeerden op kosten van deze samenleving vormen de wrok die steeds meer opkomt bij de autochtone bevolking. Die geiser pruttelt al enkele jaren. De Brexit is volgens sommige analisten bijna geheel te wijten aan de Oost-Europeanen die massaal verkasten naar Groot-Brittannië en wiens activiteit de reeds zeer diverse samenleving als een splijtzwam begon aan te tasten. Zoiets is de ware voedingsbodem voor echt racisme en politieke avonturiers. Het incidentele feit dat de zelfverklaarde slachtoffers nu in deze samenleving moeten leven was en is niet de verantwoordelijkheid van de regering, de staat of het volk. Het gaat hier niet om gastarbeiders, gedeporteerden of voormalige slaven. In West-Europa was elke slaaf een vrij man vanaf het moment hij voet aan wal zette en dit vanaf de zestiende eeuw. Al vijfhonderd jaar. Enkel Portugal stribbelde nog even tegen maar daar maakten de Kerk en de publieke opinie snel een einde aan. Het is niet omdat in Virginia of in Suriname in de 17de en 18de eeuw slavernij bestond dat onze huidige samenleving daar verantwoordelijk voor zou zijn. Onze samenleving bestond gewoon niet. The past is a foreign country was ooit de titel van een heel boeiend boek door Lowenthal.[xiii] Trouwens alle West-Europese landen hebben ook een lange ontvoogdingstrijd gekend. Vrije verkiezingen, algemeen stemrecht voor mannen en vrouwen, sociale zekerheid en zorg daar hebben generaties voor gestreden. Het is trouwens dat wat de Afrikanen aantrekt, want om ons klimaat zal het wel niet zijn. Indien het enkel om militaire en economische macht ging dan zou bijna geen enkele voormalige kolonie ooit onafhankelijk kunnen worden zijn. De publieke opinie in het Westen heeft die autonomie gefaciliteerd. Van de volkstoelopen in Manchester voor Mahatma Gandhi voor de Tweede Wereldoorlog tot de universele verklaring van de rechten van de mens erna.

Politiek correcte indoctrinatie

Uitzendingen zoals de Kinderen van de kolonie op de VRT, waar bijna geen enkele persoon die de kolonisatie persoonlijk ervaren heeft aan het woord kwam (op twee of drie bejaarden in Congo na die hun nostalgie nauwelijks konden verbergen) en waar zelfs een groot deel van de geïnterviewden zelfs niet in Congo geboren was hingen een eenzijdig beeld op.[xiv] Verbatim herhalen van slogans opgepikt via sociale media uit de VS (de Apartheid in Zuid-Afrika kent deze generatie blijkbaar niet meer, het kan anders een goede tip zijn voor would be slachtoffers). Historicus en voormalig BRT-programmamaker Jan Neckers noemde het “Schaamteloos VRT-bedrog”. Het is een harde conclusie maar de vooringenomenheid droop er dan ook af en vanuit een historisch oogpunt voldeed de reeks niet aan de huidige normen van degelijke historiografie. Dergelijke indoctrinatie door de media wekt enkel wrevel op en maakt het debat over de historische context en de essentie van de zaak moeilijker tot onmogelijk.

Postmoderne lijkenpikkerij

Die essentie van de zaak is dat de geschiedenis vol onrecht zit en dat het nog nooit zo goed leven was dan hier en nu in deze samenleving. Zeker voor mensen van Afrikaanse origine. Een deel van deze bevolking echter waant zich echter in Alabama of Afghanistan. Ze leven met een waanbeeld dat ze deel kunnen uitmaken van een volk en een samenleving terwijl ze problemen van verre oorden en verre tijden op zich betrekken. Hun identiteit is niet die van Vlaming, Belg of Europeaan in die volgorde naar keuze. Hun identiteit blijkt te bestaan uit hun genen en het onrecht dat diezelfde genen (?) ooit elders werd aangedaan. Als dat niet klinkt als een radicale of zelfs raciale afwijzing van integratie? En die samenleving die ze zo virulent afwijzen, die hun leven zo ondraaglijk schijnt te maken die moet zich excuseren voor iets waar noch de huidige samenleving nog de vermeende slachtoffers iets mee te maken hebben. Eigenlijk lijkt het dus gewoon een hoop aanstellerij over de rug van slachtoffers in een ver verleden. Postmoderne lijkenpikkerij.

Politieke aanstellerij?

Politiek gevaarlijke aanstellerij die reacties zal oproepen. Zoals de Catalaanse onafhankelijkheidsdrang een begraven en vergeten gewaand Spaans nationalisme wekte en voor een polarisering zorgde die doet denken aan de jaren 1930 en de Spaanse burgeroorlog. Actie roept reactie op. Dusver beperkte de reactie tegen de zwarte identity politics zich tot wat meewarig schouderophalen of schimpscheuten dat de koning zich maar voor zijn oudovergrootoom moest excuseren. Het censureren van de publieke ruimte of cultureel erfgoed daarentegen kan weinig positiefs opleveren. De excuses vanuit de overheid zouden hol, leeg en gratuit zijn. Alsof de Spanjaarden, de Oostenrijkers, de Fransen of de Duitsers zich continu zouden moeten verontschuldigen tegen de Belgen voor hun bezetting. Alsof een Belg die opgroeide in Frankrijk zou kunnen eisen dat alle standbeelden van Napoléon van een pancarte voorzien moeten worden over de plundering van de Europese kunstschatten voor het Musée Napoléon en de tienduizenden gesneuvelden uit onze contreien bij la Grande Armée tijdens de veldtocht in Rusland. Een samenleving of zoals Renan schreef een natie heeft alle belang bij het gemeenschappelijk vergeten van kwalijke herinneringen. Zoals mensen die eeuwig rancuneus zijn over wat hen aangedaan werd geen normaal leven meer hebben en alles gedomineerd wordt door de rancune en het revanchisme.

Kuifje in Congo? Tja zo ging dat toen. Voilà dit is de historische context. Wat hebben we vandaag geleerd en dan punt aan de lijn en terug naar het heden. Kolonialisme? Boeiende materie voor de geschiedenisles. Doen we nooit meer. Punt aan de lijn en terug naar vandaag. Al die oude koeien? Niks mee te maken, maar wel begrip tonen en beseffen dat die goede oude tijd nog zo goed niet was. En wat dan met het concrete racisme nu? Wel heel eenvoudig op domheid staat geen verjaringstermijn dus moet je dat aanpakken geval per geval, maar zonder er verhalen van een eeuw geleden bij te sleuren omwille van een losgeldpolitiek.

 

Bibliografie:

 

Adam, Hochschild. 1998. King Leopold’s Ghost: A Story of Greed, Terror, and Heroism in Colonial Africa. New York: Houghton Mifflin Company.

Ceuppens, Bambi. 2010. "Voorbij Kuifje in Congo."  Hermes 14 (48).

Dijkhuis, Hans. 2018. De verdeelde aarde. Hoe grenzen in de wereld kwamen. Amsterdam: Athenaeum - Polak & Van Gennep.

Lowenthal, David. 2002. The past is a foreign country. 10th print. ed. Cambridge: Cambridge university press.

Maskens, Maïté. 2012. "Spirituele geografie: mobiliteit van de predikanten van de Pinksterbeweging en migratiemirakels tussen Afrika/Latijns-Amerika en Europa "  Brussels Studies (Collection générale, n° 58, mis en ligne le 26 mars 2012). doi: 10.4000/brussels.1090.

Peck, Douglas T. 2001. "Revival of the Spanish" Black Legend": The American Repudiation of Their Spanish Heritage."  Revista de Historia de América:25-39.

Ramirez-Dhoore, Dora. 2014. "Reinterpreting La Leyenda Negra’s Colonial Purpose1."  Ecoambiguity, Community, and Development: Toward a Politicized Ecocriticism:149.

Renan, Ernest. 1992. Qu’est-ce qu’une nation?: et autres essais politiques: Presses Pocket.

Swart, Koenraad Wolter. 1975. "The black legend during the eighty years war." In Britain and the Netherlands, 36-57. Springer.

Vandersluys, Wm. 1949. Het ABC der reclame. Baarn: Uitgeverij Schuyt NV.

Wesseling, Hendrik Lodewijk. 1991. Verdeel en heers: De deling van Afrika 1880-1914. Amsterdam: Bert Bakker.

Wesseling, Hendrik Lodewijk. 1997. Imperialism and colonialism: Essays on the history of European expansion: Greenwood Press.

Wilson, Jeremy. 1990. Lawrence of Arabia: the authorized biography of TE Lawrence: Atheneum New York.

 



[i] (Adam 1998) Ik heb ook de Nederlandse vertaling, maar die heb ik niet gelezen, maar die zal voor de lezer allicht eenvoudiger te vinden zijn.

[ii] (Wesseling 1997, 1991)

[iii] Ook de miljoen doden in Latijns-Amerika in de zestiende eeuw bleken al meermaals compleet verzonnen. Zelf met epidemieën meegeteld. Dat neemt niet weg dat Bartolomé de las Casas terecht de gang van zaken aanklaagde en enkel in de Nederlanden gehoor vond. De latere paus Adrianus VI (afkomstig uit Utrecht en leermeester van keizer Karel V) kon als aartsbisschop in Spanje zelfs geen beweging krijgen in het dossier. Dat de Nederlanders en nadien de Engelsen hun propaganda loslieten op de Spaanse wreedheden had zijn redenen, maar daarom was de hyperbool nog niet waar. De Britten daarentegen en later de Amerikanen moordden bijna de complete inlandse (indigene) bevolking uit, terwijl de Spanjaarden een immense mestizering op gang zetten. Daarom zijn in veel Latijns-Amerikaanse landen de Indianen nog in de meerderheid of bestaat het merendeel van de bevolking uit mensen met een gemengde afkomst. De Spanjaarden, de Nederlanders en de Fransen gingen dus nooit tot genocide over wat van de Angelsaksische kolonisten en hun nazaten niet gezegd kan worden. (Swart 1975, Ramirez-Dhoore 2014, Peck 2001)

[iv] (Wilson 1990)

[v] Op Auvio van de RTBF staan enkele zeer goede documentaires over deze periode.

[vi] http://www.iacsso.be

[vii] (Maskens 2012)

[viii] (Ceuppens 2010)

[ix] https://faro.be/blogs/roel-daenen/kuifje-congo-nieuw-boek-en-debat

[x] Hergé had bij leven zich altijd verzet tegen een heruitgave van Kuifje in het land van de Sovjets omdat hij er zich voor schaamde.

[xi] (Dijkhuis 2018)

[xii] (Renan 1992)

[xiii] (Lowenthal 2002)

[xiv] https://pallieterke.net/2019/01/kinderen-van-de-kolonie/