Geluk en ongeluk van welopgevoed links

Civis Mundi Digitaal #81

door Jan de Boer

Waarom profiteren de linkse politieke partijen die een betere herverdeling voorstaan, electoraal niet van de forse toename van ongelijkheden die de democratische landen sinds een veertig jaar kennen? Economen proberen een antwoord op deze vraag te geven door het kruisen van gegevens van de ‘Word Inequality Database’ die alles wat we weten van inkomens en bezit van de bevolking inventariseert, met panels van geïnterviewde personen betreffende hun stem na de verkiezingen in een vijftien tal landen van 1950 tot de dag van vandaag. Dit enorme werk is nog niet afgerond, maar de bekende econoom Thomas Piketty heeft in een artikel verschenen in 2018 ‘Brahmin Left vs Merchant Right: Rising Inequality and the Changing Structure of Political Conflict, WID.world working paper series nr 2018/7’ al een aantal resultaten voor de Verenigde Staten, Groot-Britannië en Frankrijk gepresenteerd. De econoom Amory Gethin presenteerde andere resultaten van negen landen tijdens een seminarium op 18 en 19 maart jongstleden in Parijs.

Beide wetenschappers hebben geconstateerd dat tot in de jaren 1980 de kiezers met een gering opleidings- en inkomensniveau in meerderheid links stemden en kiezers met een hoog opleidings- en inkomensniveau op rechtse politieke partijen stemden, maar dat daarna deze scheidingslijn snel veranderde. Wat betreft de politieke keus van de elite stemmen de mensen met een hoog opleidingsniveau steeds vaker op linkse partijen en de mensen met een hoog inkomen en/of veel bezit blijven stemmen op rechtse partijen. Een meerderheid van de eerste groep stemde links in drie landen in 1980, In zes landen in 1990, in acht landen in 2000 en in negen landen in 2010. Het stemmen op links door personen met een laag inkomen blijft min of meer stabiel, personen met een laag of gemiddeld inkomen en met een lager opleidingsniveau kiezen steeds vaker voor rechts.

Amory Gethin merkte drie uitzonderingen op: Portugal waar de minder geschoolde mensen op links blijven stemmen, Japan waar de scheiding links-rechts een constant sociopolitiek gegeven is, en Brazilië waar vanaf 2002 de stem van de hoogst geschoolden en de meest rijken zich weer op rechts oriënteert.

Natuurlijk moet dit verschijnsel met zijn variaties beter geanalyseerd worden – verder dan de twee categorieën links en rechts afhankelijk van nationale bijzonderheden – maar de onderzoekers lanceren toch twee hypotheses.

Ten eerste blijven de kinderen van hen die gezien hun sociale klasse op links stemden, ook als zij een hoger scholingsniveau dan hun ouders hebben, op links stemmen. Daarentegen hebben zij die in de achterhoede van het educatieve systeem zijn blijven hangen, links verlaten, want links heeft de belofte van een verheffing van het levenspeil voor iedereen ingeruild voor een nieuwe vorm van meritocratie: een verheffing van het levenspeil door scholingsinspanning en zo een ideologische tegenhanger van politiek rechts: een verbetering van het levenspeil door ‘inspanning’ in het werk                                                                                                                                                                                                           

Vervolgens zijn daar vanaf de jaren 1980 de effecten van de mondialisering bij gekomen. Terwijl ‘welopgevoed’ links in naam van de waarden van het zich openstellen voor de wereld het verlies van de contrôle van Staten over de handels- en geldstromen als ook over de vloed van migranten accepteerde, zagen arbeiders en beambten, geconfronteerd met financiële crises, werkloosheid en overplaatsing naar het buitenland van bedrijven, de nationale Staat met zijn grenzen als een laatste bescherming. Bij de laatste verkiezingen in Frankrijk heeft driekwart van de stemgerechtigden van wie hun grootouders vreemdelingen waren uit niet-Europese landen, de helft van hen met grootouders afkomstig uit Europese landen en ruim één derde van hen met Franse grootouders op links gestemd. Deze scheiding vinden we ook in de Verenigde Staten tussen de zwarte, latino en blanke gemeenschappen.

 Een doorslaggevende factor is gezien deze ontwikkelingen natuurlijk ook de verandering van het ‘politieke aanbod’. Links heeft het thema van herverdeling laten schieten ten gunste van de emancipatie van minderheden, rechts heeft zich gestort op de vraag naar veiligheid. De werkende klasse, de volksstem, zal alleen dan de weg naar links terugvinden als herverdeling en scholing weer de horizon van de emancipatie worden.