Waarom het moderne gezin onder druk staat. Aanvullende beschouwingen bij het interview met Wim Couwenberg: deel 3

Civis Mundi Digitaal #88

door Piet Ransijn

 

 

Het gezin is een ander belangwekkend thema, dat Couwenberg aansnijdt. Hij gaat vooral in op seksualiteit, een aspect dat in onze samenleving veel aandacht krijgt. Mogelijk meer aandacht dan het gezin. Ook bij Couwenberg krijgt het gezin door de primaire aandacht voor seksualiteit wat minder nadruk, maar het persoonlijke en maatschappelijke belang van het gezin blijft groot. In de moderne tijd lijkt het of seksualiteit meer op zichzelf is komen te staan. Eerder en ook nu nog was seksualiteit meestal ingebed in een bij voorkeur bestendige partnerrelatie en een privéleven en gezinsleven dat ermee samengaat.

Ons hele leven blijft het gezin meestal de belangrijkste primaire groep. Als we worden geboren, worden we als het ware ‘ingelijfd’ in een gezin. Als mensen sterven zijn man of vrouw en kinderen meestal nabij. Tijdens het leven bieden zij zo nodig primaire zorg. We zijn in de eerste plaats meestal op gezinsleden aangewezen, ook al zijn er zorginstellingen van wieg tot het graf. Wim Couwenberg heeft mij hier weer op gewezen.

 

https://fsspx.news/es/news-events/news/onu-la-santa-sede-denuncia-una-amenaza-contra-la-familia-38833 

Sociale functies van het gezin

Het gezinsleven staat in de moderne samenleving vaak onder druk. In de moderne westerse samenleving heeft het kerngezin van ouders en kinderen een zekere autonomie verkregen ten opzichte van de familie als groter geheel, waardoor de (emotionele) druk op het kerngezin groter is.1 Het kerngezin vormt in onze samenleving de belangrijkste primaire groep, waarin essentiële sociale functies als reproductie, opvoeding, socialisatie en vrije tijdsbesteding zijn geconcentreerd.2 De economische functie is vooral consumptief geworden, maar het gezin vormt nog steeds een essentiële economische  en huishoudelijke leefeenheid. Vroeger was het gezin veel meer een economische eenheid en werd er gewerkt in gezinsverband, bijv. op het boerenbedrijf en bij een bedrijf of winkel aan huis. Door de industriële revolutie werd (fabrieks)arbeid buitenshuis verricht en werden werk en privéleven gescheiden.

 

Huwelijk en partnerrelatie

Het gezin vloeit voort uit de partnerrelatie. Het huwelijk als partnerrelatie komt overal voor en wordt universeel in brede zin gedefineerd “als een maatschappelijk gesanctioneerde en ritueel vastgelegde verbintenis tussen personen die verschillende sociaal erkende rechten en plichten inhoudt, waaronder in het algemeen het recht op seksuele omgang en de plicht tot verzorging van de hieruit voortkomende kinderen. Volgens deze omschrijving is het huwelijk een universeel arrangement, een institutie die in alle ons bekende samenlevingen is aan te treffen. Er bestaat echter een grote variatie in de vormen die het kan aannemen en de rechten en plichten die het met zich meebrengt. Het huwelijk in de moderne zin van een wettelijk geregelde, door de overheid geregistreerde verbintenis komt uiteraard niet overal voor.”3

 

 Het typisch westerse kerngezin

Ook de familie komt in alle samenlevingen voor.4 Het autonome zelfstandig gevestigde kerngezin is echter een typisch westerse gezinsvorm. Vrijwel overal elders was het gezin ingebed in samengestelde families. Ook wat betreft de gezinsvorm wijkt het Westen af van het zogenaamde Algemeen Menselijk Patroon, zoals ook bij de ontwikkeling van de moderniteit en de industriële productiewijze, die samenhangen met de gezinsontwikkeling.

 “Voor bijna iedereen is de familie als het ware een thuishaven van waaruit het individu zijn levenslange reis door de maatschappij onderneemt.”5 Dat geldt in het Westen vooral voor het kerngezin. Typerend voor het Westen is niet alleen de relatieve autonomie van het kerngezin, maar ook de autonomie van het individu daarin. “In de westerse maatschappijen benadrukt het familierecht in toenemende mate de rechten van elk familielid.”6

 

www.bible-nl.org/het-huwelijk-het-vierde-kruispunt.html 

Hooggestemde verwachtingen

De vele belangen, verantwoordelijkheden, rechten en plichten kunnen gepaard gaan met een zekere spanning tussen de gezinsleden en hun belangen. Het gezin lijkt steeds meer te dienen voor de vervulling van individuele behoeften en verwachtingen. “Op een manier die onze grootouders zou hebben verbaasd, wordt van de familie tegenwoordig verwacht dat zij fundamentele persoonlijke vervulling en bevrediging aan al haar leden verschaft. In moreel opzicht betekent dit een grote verschuiving in nadruk van plichten en verantwoordelijkheden naar rechten en [behoeften]bevrediging.”7 Liefde en seksualiteit vormen daarbij belangrijke behoeften, die ingebed zijn in een groter emotioneel en sociaal geheel.

“Het modern conjugale gezin is belast met zeer hooggestemde emotionele en morele verwachtingen. Man en vrouw worden verondersteld van elkaar te houden en dat voor altijd te doen. Ouders worden verondersteld grote aandacht te wijden aan het welzijn van hun kinderen. Zowel volwassenen als kinderen worden verondersteld… in de activiteiten die zich in de familiekring afspelen persoonlijke vervulling te vinden. Het is wellicht niet verrassend dat, geconfronteerd met dergelijke zeer hoge verwachtingen, het hedendaagse familieleven zeer onstabiel is… Zo werden de ontwikkeling van het moderne gezin vergezeld door een gestage toename van het echtscheidingscijfer.”8

 

https://www.gratisdatingtips.nl/onbereikbare-liefde-loslaten-vergeten/ 

Romantische liefde

Deze emotionele druk op de relatie(s) hangen samen met de nadruk op romantische liefde. “Het enige dat bij de beslissing om te trouwen wordt verondersteld van belang te zijn, is de diepe emotionele band tusssen de huwelijkspartners… Dit alles wijst erop hoe belangrijk het huwelijk nog steeds is voor de meeste mensen – ondanks het feit dat zijn definitie sterk is gewijzigd… De echtscheidingscijfers zijn geen argument tegen het belang dat men nog steeds aan het huwelijk hecht. Zij leveren nog eerder een aanwijzing op voor de bijzondere waarde die men in de moderne maatschappij hecht aan het huwelijk – en dus aan het gezinslleven in het algemeen. De overgrote meerderheid gaat niet scheiden, omdat zij het huwelijk als institutie beu is, maar omdat een bepaalde partner en een bepaald huwelijk niet aan de verwachtingen voldeed. Met andere woorden: echtscheidingen worden niet veroorzaakt omdat mensen lagere verwachtingen hebben van het huwelijk, maar integendeel, omdat zij hogere verwachtingen hebben van het huwelijk… Dit werkt de opvatting sterk in de hand dat als een bepaald huwelijk niet aan de verwachtingen voldoet, beide betrokkenen het recht hebben het te ontbinden en het opnieuw te proberen.”9 Met als begeleidend verschijnsel een hoger echtscheidingscijfer.

“De nadruk op (romantische) liefde als basis voor het huwelijk legt grote druk op individuen bij hun partnerkeuze”10. “Als Amerikaanse geliefden trouwen zijn hun verwachtingen vermoedelijk onduidelijk en vanuit een emotioneel gezichtspunt praktisch onbegrensd. Als iemand trouwt om de liefde, verwacht hij liefde. Als hij in de greep van verliefde verdwazing trouwt, verwacht hij, al is het maar vaag, dat de toestand van verliefdheid voor min of meer onbepaalde tijd voortduurt.”11

 

https://www.flickr.com/photos/azlan2507/5896836494 

‘Homelessness’ en het gezin als enclave van warmte en intimiteit

Het typisch westerse onderscheid tussen het privéleven en het openbare leven en tussen werk en privésfeer hangt hiermee samen. In beide sferen, publiek en privé, kunnen er onbereikbare idealen zijn, zoals het vooruitgangsideaal en de romantische liefde. “De familie is zonder twijfel de voornaamste institutie in de privésfeer. De sociale plaats in de institutionele orde staat diametraal tegenover de plaats die zij in primitieve of archaïsche samenlevingen inneemt.”12 Overdreven gesteld lijkt het gezin als het ware een soort privé enclave geworden, een Haven in a Heartless World.13

In het voorgaande artikel is toegelicht hoe de geest zich thuis kan voelen in de ‘grondeloze openheid’ van het bewustzijn, waarin alles een plaats heeft. Het gevoel van ‘homelessness’ hangt mogelijk ook samen met het verdwijnen van de toegang tot deze dimensie in de gemoderniseerde en geseculariseerde samenleving, hoewel er ook nieuwe wegen opengaan, waarvan Tiemersma een indicatie geeft.

Berger spreekt van ‘homelessness’ van het modere maatschappelijke leven en een gevoel van anonimiteit, zinloosheid, onzekerheid en vervreemding van anderen, dat door de emotionele warmte en geborgenheid in het gezin gecompenseerd dienen te worden. ”De privésfeer diende als een soort balancerend mechanisme dat zinvolle activiteiten verschafte ter compensatie van het onbehagen dat de grootschalige structuren van de moderne samenleving met zich meebrengen… Met de vestiging van de industriële maatschappij… werd de familie een beschermende enclave voor de harde realiteit van het economische leven… De koude winden van ‘homelessness’ bedreigen de fragiele constructies… in het privéleven van het toevluchtsoord dat men als ‘thuis’ ervaart.  Het zou echter overdreven zijn te zeggen , dat de privésfeer als ‘oplossing’ faalt. Er zijn teveel verworvenheden [om dat te zeggen]. Maar de privésfeer staat voordurend onder druk.”14

 “De onpersoonlijkheid van de overheersende bureaucratische stedelijke wereld doet het belang van het gezinsleven toenemen als bewaarplaats van menselijke warmte en respons. De intimiteit die mensen nodig hebben om hun persoonlijke stabiliteit en gezondheid te bewaren wordt vooral gevonden in het gezin. Door de beperkte grootte neemt het emotionele gewicht dat door gezinsrelaties wordt gedragen, toe met de emotionele intensiteit… In de betrekkelijk flexibele stuctuur  is er wellicht onvermijdelijk aanzienlijke ruimte voor frictie, daar de leden vooral bijeen gehouden worden door emotionele gehechtheid, veeleer dan door wederzijdse dienstverlening en collectieve doelen. Man en vrouw kunnen het bijv. oneens zijn over hun verplichtingen, de opvoeding en de relatie met hun ouders… Een bepaalde mate van echtscheiding, verwijdering en huwelijksconflicten is de prijs die wordt betaald voor de keuzevrijheid en de nadruk op emotionele bevrediging…”15

 

Samenhangende factoren

Naast de genoemde ontwikkelingen zijn er andere factoren die het gezin onder druk zetten die ermee samenhangen. Als bijv. beide partners werken en dit combineren met de zorg voor hun kinderen, vormt dit vaak een behoorlijk belasting die de nodige organisatie vraagt, maar ook vaak veel voldoening oplevert, zoals mijn ervaring leert. Daarnaast vragen opvoedingsperikelen en adolescentieproblematiek de nodige aandacht. Verder brengt de toegenomen individuele vrijheid veel keuzemogelijkheden met zich mee, die het leven niet altijd vergemakkelijken.16 Er valt natuurlijk veel meer over het moderne gezin te zeggen. We hebben ons beperkt tot de belangrijkste factoren waardoor het moderne gezin onder druk is komen te staan.

 

Enkele mogelijke remedies

Hoe is de druk en spanning te verminderen? Voor de hand ligt het inplannen regelmatige ontspanning en tijd voor elkaar, vooral ‘quality time’. Te denken valt verder aan het versterken van de privésfeer en de leefwereld ten opzichte van de prominente economische, politieke en andere bureaucratische instituties waar de instrumentele rationaliteit overheerst, door ‘machtsvrije communicatie’ en overleg. Dit is door Habermas is beschreven in nr. 74. De geweldloze of verbindende communicatie volgens Marshall Rosenberg17 biedt een verwant alternatief.

Er is natuurlijk ook veel te zeggen voor zorgvuldige en weloverwogen partnerkeuze en gezinsplanning op grond van bestendige liefde en elkaar aanvullende overeenstemming in plaats van verliefde bevliegingen. Het is ook een kwestie van geluk hebben een passende partner te vinden. Liefde kan ook groeien en worden gecultiveerd. Dat geldt ook voor andere kwaliteiten en ‘deugden’, zoals onzelfzuchtigheid, betrokkenheid, verdraagzaamheid, geduld, grootmoedigheid, medeleven, gelijkwaardigheid, ruimhartigheid, verantwoordelijkheid en menslievendheid, enz.18 Het leven, in dit verband het huwelijks- en gezinsleven, biedt hiervoor een levenslange leerschool. Bij het polijsten van karakters kunnen deze in relaties tegen elkaar aan schuren. Natuurlijk zijn er veel meer suggesties te geven en valt er veel meer over te schrijven. We beperken ons tot een toepasselijke overweging van Deepak Chopra, die bij toeval werd aangereikt.

 

Van afgescheidenheid naar eenheid – Deepak Chopra

In een cursus op internet gaat Chopra in op het thema van zijn laatste e-boek How to create meaningful relationships: A guidebook for connections that last.19 Het gaat over de ontwikkeling van ik naar wij en van nemen naar delen en geven. Hoe dieper de relatie, hoe meer deze zich ontwikkelt van afgescheidenheid naar eenheid en naar een overgave van het ego. Het ego komt wat minder centraal te staan in ons bewustzijn en handelen. Het eigenbelang wordt wat minder belangrijk en meer opgenomen in een gemeenschappelijk belang. Dat kan gepaard gaan met een gevoel van ontspanning en vraagt enig zelfonderzoek.

Oopspronkelijk was er een eenheid met de moeder, zoals Freud en anderen hebben beschreven. Om de wereld te verkennen is de ontwikkeling van het ik een noodzakelijke stap. We hoeven echter niet te blijven steken in een situatie van afgescheidenheid van elkaar, waarin het ik centraal staat, in egocentrisme en narcisme, zie Christopher Lasch, De cultuur van het narcisme, genoemd in deel 2.

Het ego wordt bewogen door wat Freud het lustprincipe noemt, door wat het fijn vindt en en vervelend vindt, door lust en onlust. Zolang we daaraan onderhevig zijn, wijkt de vervulling van onze verlangens voor ons uit en kan deze niet blijvend zijn, omdat het verlangen naar meer steeds weer de kop op steekt. Dit wordt onder meer in het boeddhisme treffend beschreven, zie nr. 86. Het Nirvana zou een toestand van bevrijding en blijvende vervulling zijn. Freud verwees ernaar bij het Nirvana-principe, het stillen en tot rust komen van verlangens, die bij het tegengestelde lustprincipe worden geprikkeld (zie voorgaand deel 2 over het vooruitgangsstreven).

“Zelfs romantische liefde kan de isolatie niet helen, alleen voor een bepaalde tijd,” zegt Chopra. We bewonderen mensen die blijvend een liefdevolle relatie bewaren. Een dergelijke eenheid is er niet zolang het ego zich afscheidt. In relaties verbinden zich vaak ego’s met elkaar. Ze kunnen een contract aangaan met elkaar. Sorokin2 noemt dit contractuele relaties. Hij onderscheidt deze van familistische relaties waarin het wij-gevoel de overhand heeft en van gedwongen relaties, die niet uit vrije wil worden aangegaan.

Door een relatie met elkaar aan te gaan, hoopt men samen meer wensen te kunnen bevredigen in een win-win overeenkomst. Chopra noemt dit geen echte eenheid, maar een zakelijke overeenkomst, een ‘business-arrangement. Volgens Sorokin zou bij het huwelijk het accent verschoven zijn van een heilige, heelmakende, verbintenis naar een samenlevingscontract met wederzijdse emotionele, huishoudelijke en andere voordelen. De problematische emotionele druk bij het moderne huwelijks- en gezinsleven heeft mogelijk vaak te maken met de ervaring dat de eenheid en saamhorigheid te wensen overlaat.

Werkelijke eenheid vindt volgens Chopra zijn basis in het verenigende Zelfbewustzijn dat hij de ‘true Self’ noemt, waarin vervulling wordt gevonden. Hij beschrijft het evenals Tiemersma in voorgaand deel 2 als ‘openheid’ en ‘een open hart’. (In) dit Zelf eindigen de scheiding, de afgescheidenheid van het ego en de problemen die dit met zich meebrengt. Er is een vereniging van het ik met het Zelf. Dit is geen ego-ervaring maar een bewustzijnstoestand, waarbij we deze ‘ervaring’ of toestand van eenheid en heelheid willen delen met anderen die ons dierbaar zijn. Als er geen scheidng meer is, is er ook geen angst. Het geheel waakt over alles. In deze toestand van bewustzijn is er een verandering van de waarneming, die niet meer wordt gedomineerd door scheiding van het ik en de ander, maar door verbinding in een verenigend bewustzijn.

Deze toestand van bewustzijn waarin de wereld en onze ‘geest’ als eenheid in verscheidenheid verschijnt, is al latent aanwezig onder en achter alle pluriforme verschijnselen. Waar het om gaat is de aandacht te verschuiven van de overheersende verscheidenheid naar de onderliggende eenheid. Dit is mogelijk door een proces van verstilling, verinnerlijking of meditatie, maar kan ook spontaan plaatsvinden in natuurbelevingen, religieuze ervaringen, diepe liefde, enzovoort, waarbijwe tot onszelf komen. Het onderliggende eenheidsbewustzijn van het Zelf is reeds aanwezig, maar wordt als het ware ‘bedekt’ en verhuld door een veelvormige sluier van ogenschijnlijk onderscheiden verschijnselen. Waar het op aan komt is ons weer bewust te worden van de onderliggende eenheid van het Zelf(bewustzijn) in ook in staat te zijn dit in relaties te ervaren en ‘onze naaste als ons Zelf’ te ervaren, in verbinding met onszelf.

 

Noten 

  1. W.N. Stephens, ‘Family and Kinship’, in N. Smelser, Sociology, p 540.
  2. Peter en Brigitte Berger, Sociologie: een biografische opzet, hfst 5 ‘Huwelijk en gezin’, p 77; E. Chinoy, Society, hfst 8 ‘Family, Kinship and Marriage’, p 120, 127, 128. Sorokin noemt verder als gezinsbindingen (‘bonds’) en functies: levensonderhoud, bescherming van het leven, de integriteit en de waarden van haar leden, solidariteit en voorkomen van isolatie, en bevordering van geluk en ontplooiing. (P.A. Sorokin, Society, Culture and Personality, Their Structure and Dynamics, p. 246)
    Volgens Sorokin ondergaat de moderne westerse familie en het gezin een crisis. De verzwakking van de (huwelijks)band tussen man en vrouw zou blijken uit het toenemende aantal echtscheidingen, buitenechtelijke verhoudingen en kinderloze huwelijken, het dalende geboortecijfer, waardoor de bevolkingsgroei afneemt en krimpt, de verminderde invloed van familie en gezin op de kinderen en de toenemende invloed van kinderopvang, scholen en ‘peergroups’. Ook de economische functies zijn verminderd.
    “Niettemin is er alle reden te geloven dat deze crisis, zoals vele in het verleden, eventueel zal leiden tot een re-integratie van de familie (in ietwat aangepaste vorm wat betreft de secundaire kenmerken). Want de familie is een onmisbare institutie en kan niet worden vervangen door een andere geaorganiseerde groep. De concrete vormen van familie, gezin en huwelijk veranderen, maar hun essentiële kenmerken zijn permanent.” (Sorokin, ibidem, p 250)
  3. Christien Brinkgreve en Ali de Regt, ‘Mannen, vrouwen en kinderen’, in N. Wilterdink e.a., Samenlevingen, p 203.
  4. Berger, noot 2, p 77. “In grote delen van Noordwest-Europa was het kerngezin zeker al vanaf de vijftiende eeuw het meest voorkomende gezinstype,m vooral in de lagere klassen, waar ouders weinig of geen bezit aan hun kinderen hadden over te dragen. Uitgebreide families waren er meer uitzondering dan regel.” Noot 3, p 208.
    Pogingen om gezin en familie te vervangen door communes, zoals voorgesteld in het Communistisch Manifest van Marx en Engels en bij de hippies in de jaren ’60, waren niet bestendig, instabiel en onbevredigend. De meeste mensen zijn geneigd van één partner (tegelijk) te houden met wie zij kinderen (willen) krijgen en een gezin (willen) vormen. Ook bij seriële monogamie volgt één partner na een andere. De enige communes, die door de eeuwen heen bestendig bleken, waren kloosters.
    Marx was overigens een vrij burgerlijke gezinsman en huisvader, die veel van zijn vrouw en drie dochters hield. Engels had een vaste relatie. De ‘revolutionaire’ en feministische ideeën over gezin en huwelijk zijn aan hem toe te schrijven. In zijn speculatieve boek De oorsprong van het gezin, van de particuliere eigendom en van de staat beschrijft Engels onder meer de onderdrukkende, vrouwonvriendelijke kanten van het monogame huwelijk. Uiteindelijk zou de ‘proletarische monogamie’ niet onderdrukkend meer zijn.
    Pogingen om huwelijk en gezin als hoeksteen van het privébezit en de burgerlijke samenleving te op te heffen na de communistische revolutie (en ook eerder pogingen) leidden tot verzwakking van het gezinsleven en toename van buitenechtelijke relaties. Echter “rond 1940 was het gezin hersteld en in veel opzichten meer monogaam en ‘Victoriaans’ dan voor de Revolutie,” schrijft Sorokin (noot 2, p 249). Als verbannen sociaal-democraat en anti-communist is  hij nauw betrokken geweest bij de Revolutie. Zijn bevindingen heeft hij onder meer weergegeven in Leaves of a Russian Diary; Sociology of Revolution en zijn autobiografie A Long Journey.
  5. Berger, p 75.
  6. Berger, p 78.
  7. Berger, p 80.
  8. Berger, p 85
  9. Berger, p 86-87
  10. Ely Chinoy, Society, hfst 8 ‘Family, Kinship and Marriage’, p 126
  11. W.N. Stephens, ‘Family and Kinship’, in N. Smelser, Sociology, p 537.
  12. Berger, p. 80
  13. Christoper Lasch, Haven in a Heartless World: The Family Besieged.
  14. Peter en Brigitte Berger en Hansfried Kellner, The Homeless Mind, hfst. 8 ‘Modernity and Its Discontents’, p 164-68, 171.
  15. E. Chinoy, noot 10, p 120, 127, 128.
  16. Berger e.a., noot 14, p 167.
  17. Marshall Rosenberg, Geweldloze communicatie. ook wel verbindende communicatie genoemd.
  18. Zie Annelies Spaargaren, Van wonden naar wonderen voor een samenhangend overzicht van kwaliteiten.
  19. https://chopracentermeditation.com/store/product/190