De klimaatramp

Civis Mundi Digitaal #88

door Jan de Boer

Klimaatsceptici zeggen, dat we ons niet ongerust hoeven te maken: er is altijd sprake geweest van flinke temperatuurswisselingen op deze onherbergzame planeet. Wat dat laatste betreft hebben ze gelijk, maar de opwarming van de aarde is nog nooit zo universeel geweest en heeft nog nooit in een relatief korte tijd zo’n omvang gekregen. Een studie van paleoklimatologen gepubliceerd in onder meer ‘Nature Geoscience ( 24 juli 2019) bevestigt dit beeld. Het is daarom belangrijk om een lokaal of regionaal signaal  van een schommeling in de temperatuur niet uit te vergroten als representatief voor het klimaat op onze aarde.

IJstijden en warmteperioden

In dat kader kan men denken aan bijvoorbeeld de kleine ijstijd (1300 – 1850) die met name gekenmerkt werd door een sterke uitbreiding van de gletschers in de Alpen. Denk ook aan de winterlandschappen  van de Nederlandse schilders in deze jaren. Veel vroegere temperatuurvariaties kunnen we toeschrijven aan natuurlijke factoren : zon , vulkanen… Of aan veranderingen van zeestromingen en regionale luchtcirculaties. De paleoklimatologen laten ons weten, dat nu 98 procent van het aardoppervlak  de warmste periode sinds 2000 jaar beleeft en dat de snelheid  van deze opwarming zonder weerga is. Natuurlijke factoren kunnen dit verschijnsel op planetaire schaal niet verklaren, dus mogen wij volgens de paleoklimatologen concluderen,  dat menselijke activiteiten als de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen voor deze universele verandering verantwoordelijk is.

De klimaatonderzoekers hebben daarbij geconstateerd dat er een grote overeenkomst is tussen hun reconstructies en de simulatie van klimaatmodellen. Dat betekent dat deze modellen voldoende betrouwbaar zijn om alle waarde te hechten  aan de voorspellingen betreffende de klimaatveranderingen in de toekomst.

En dat brengt mij  bij een in 2018 in het tijdschrift Proceedings of the National  Academy of Sciences gepubliceerd alarmerend internationaal onderzoek. De internationale wetenschappers schrijven daarin dat de huidige universele opwarming van de aarde ervoor kan zorgen dat natuurlijke systemen worden verstoord, waardoor de aarde vervolgens nog verder opwarmt. In plaats van de 2 graden Celsius waar de meeste landen zich volgens  het klimaatverdrag van Parijs  ( 1915) willen houden, zou de aarde tussen de 4 en 5 graden opwarmen. In dat geval zou het op aarde veel warmer kunnen worden dan het in de afgelopen 1,2 miljoen jaar is geweest. Het zeeniveau zou met 10 tot 60 meter kunnen stijgen.

Kantelpunten

De onderzoekers schrijven: «Uit onze analyse blijkt dat het ‘systeem aarde’ op weg zou kunnen zijn naar een kantelpunt. Als we daarover heen gaan, maakt dat de weg vrij voor nog snellere opwarming: de hitte tijd. Die opwarming wordt veroorzaakt door heel sterke feedbackloops. Als mensen kunnen we die maar moeilijk stoppen. De onderzoekers zeggen ook dat het niet onmogelijk is dat wij al over een kantelpunt heen zijn.

Kantelpunten gedragen zich echter als een rij dominostenen: «Als we eenmaal over een kantelpunt heen zijn , duwt dat de aarde naar het volgende kantelpunt en het zou wel eens heel moeilijk kunnen worden om ervoor te zorgen dat niet al die domino-steentjes omver vallen. Daardoor zullen hele gebieden op de aarde onbewoonbaar worden met als resultaat ook honderden miljoenen klimaatvluchtelingen.»

Als kantelpunten worden in het onderzoek genoemd: het smelten van ijskappen, het ontdooien van de permafrost in Rusland/Siberië en Canada, ontbossing op grote schaal, enz. Sinds de publicatie van dit internationale onderzoek  in 2018 kunnen we een versnelling van het smelten van ijskappen, bijvoorbeeld op Groenland, het versneld ontdooien van de permafrost en een enorme ontbossing bijvoorbeeld van de groene long van het Amazone-gebied konstateren. Naar alle waarschijnlijkheid zijn wij zo al over één of meer kantelpunten heen , waardoor het angstwekkende scenario in dit internationale onderzoek bezig is realiteit te worden. De hoofdauteur  van het onderzoek, Will Steffen van de Australische Nationale Universiteit zei in 2018 «Als we dit scenario willen voorkomen , als dat nog lukt, moeten we onmiddellijk stoppen met het exploiteren van de aarde»… Maar die exploitatie gaat onverminderd door.

Wat kunnen we doen ?

We zouden ook eens goed kunnen nadenken of een op oneindige groei gebaseerde consumptie op een  begrensde planeet ons echt gelukkig maakt. Wat wij kunnen doen is onder meer bossen herstellen en op grote schaal aanplanten en voorzover mogelijk de biodiversiteit bevorderen. Het is verder  van belang ons op een klimaatramp voor te bereiden door te zorgen dat de gemeenschappen voor zover enigszins mogelijk wat (biologisch) voedsel betreft zelfvoorzienend worden: korte energiebesparende circuits tussen  boeren en consumenten. Dat was ook maar dan op Europese schaal destijds de inzet van de Nederlandse Eurocommissaris Mansholt om hongersituaties als in de Tweede Wereldoorlog te voorkomen.

Hersens

Blijft de vraag : waarom onze hersens ons aanzetten om de planeet te verwoesten en hoe kunnen we dat verhinderen. Dat is ook de ondertitel van het boek Le bug Humain van Sébastien Bohler ( februari 2019). Hij beschrijft gedetailleerd hoe onze cortex doorgaat met het najagen van doelen die onverenigbaar zijn met de redding van de menselijke samenleving op onze planeet. «Lange tijd waren onze hersens onze beste bondgenoot, nu zijn ze een groot risico voor onze ondergang. Want er zit  een programmeringsfout in het ontwerp, een echte programmeringsfout in het hart van dit buitengewone orgaan : de zenuwcellen , de neurons die ons overleven moeten verzekeren, zijn nooit verzadigd  en eisen steeds meer voesel, sex en macht ».

De Britse ecoloog  George Marshall geeft een ingewikkelder verklaring. In zijn boek met de passende ondertitel ‘Het struisvogelsyndroom ( 2014) meent ook hij dat onze ontkenning  van de klimatologische urgentie de vrucht is  van onze evolutie: zij heeft ons gevormd om te kiezen voor voordeel op korte termijn. Volgens hem staat ons rationele brein, dat de ernst van de klimatologische verandering kan erkennen, recht tegenover ons emotionele brein, dat richting geeft aan onze beslissingen en niet in staat is deze angst en ongerustheid brengende realiteit onder ogen te zien.

Het lezen van deze en andere werken  heeft mij weinig vertrouwen gegeven in de toekomst die weinig beloftes en veel dreiging kent. Ik ben er helaas van overtuigd  dat wij de dodelijke ernst van de klimatologische veranderingen met hun rampzalige gevolgen niet onder ogen willen en/of kunnen zien. Dat geldt in het algemeen voor de hele mensheid, ondanks de milieubewegingen van met name ook jongeren uit veelal de ‘ betere milieus’ en niet alleen voor de klimaatsceptici en de zeer vele salon-ecologen.