De geestelijke gezondheid van regeringsleiders, monsters en helden

Civis Mundi Digitaal #91

door Jan de Boer

De psychiater Patrick Lemoine heeft geprobeerd de vraag: » Hoe staat het met de geestelijke gezondheid van hen die ons regeren? » te beantwoorden in zijn laatste boek « La santé psychique de ceux qui ont fait le monde ». Hij doet dat aan de hand van negentien portretten van mannen en vrouwen die geschiedenis gemaakt hebben. Een bloemlezing die zowel monsters (Hitler, Stalin…), als helden (Churchill, de Gaulle…) telt, maar ook verlichte despoten (Napoleon, Julius Cesar, Louis XIV, Alexander de Grote…), heiligen, wijzen en goden (Boeddha, Jezus en zelfs Yaweh of Jehova…). Ik heb het genoegen gehad een lezing aan de hand van de volgende vraagstellingen van hem bij te wonen. Hier volgt het verslag.

 

U geeft een psychiatrische diagnose van 19 reeds (lang) overleden personen die de loop van de geschiedenis gewijzigd hebben. Welke procedure heeft u daarbij gevolgd?

In de psychiatrie zijn er twee manieren van diagnosticeren. Allereerst het klinisch onderzoek recht tegenover elkaar. Maar voor mijn negentien « patiënten » was deze methode niet mogelijk. Ik heb dus hun ziekteverschijnselen opgezocht en geanalyseerd in historische documenten. Ik heb hun biografieën bestudeerd, anekdotes gevonden, uitspraken van getuigen uit die tijd onderzocht. En er waren veel getuigenissen! Het is natuurlijk een minder stevige methode dan die van het onderzoek van aangezicht tot aangezicht, maar ook deze methode geeft een goed resultaat.

 

Hitler, Stalin en zoveel andere tirannen… Wat kunt u ons voor nieuws over deze dictators meedelen?

Ze hebben allemaal het « model » van een enorme paranoïcus. Mateloze hoogmoed, gigantisch ego, wantrouwen, lichtgeraakt, achtervolgingswaan door verkeerd oordelen: de verschijnselen van deze mentale stoornis zijn bekend. De paranoia is evenwel een logische geestverwarring die geloofwaardig kan lijken, hetgeen verklaart dat men daarin meegesleept wordt, althans in het begin. Al deze dictators kennen geen twijfel, geen nuance, geen aarzeling. Zij houden nergens meer van dan van domineren, vermorzelen, verpletteren om hun doel te bereiken. Het zijn angstaanjagende machines voor verovering en het behouden van macht. Met deze paradox: bij hen veranderen hun zwakheden in een meedogenloze kracht, wanneer het doel is om zich meester te maken van de macht in een land.

Natuurlijk zijn deze constateringen niet nieuw, maar men kan ze preciseren. Hitler bijvoorbeeld was een klinische paranoïcus: een zogeheten « gepassioneerde idealist ». Een term die verwijst naar waanzinnige eisers, naar uiterst rigide en chicaneuse, vaak psychopathische of neurotische personen. Maar er zijn ook individuen die ervan overtuigd zijn dat ze ageren « voor het goede doel », zoals de stichter van een sekte, of de chef van een partij die haat predikt tegen een of andere groep. Er zijn zoveel utopieën die eindigen in catastrofes… Stalin lijkt mij een meer « gewone » paranoïcus te zijn: wantrouwend, cynisch, sluw en zonder scrupules, ondanks zijn goedig uiterlijk. Hij was vooral geobsedeerd door de gedachte aan zijn eigen dood.

 

En zij die hebben geregeerd, oorlog gevoerd, gepredikt op het hoogste niveau zonder echt gepatenteerde tirannen te zijn? Hebben zij ook aan min of meer verborgen psychische zwakheden geleden?

Hoe verder ik met dit boek vorderde, hoe meer ik mij heb afgevraagd of er ook werkelijk evenwichtige bestuurders bestaan. Een eerste constatering: van de negentien personen zijn er naar mijn idee slechts twee die gevrijwaard waren van een psychische ziekte. Eén van die twee is De Gaulle. Hoe zeer hij ook een geweldig hoge dunk van zichzelf had, deze verdween altijd voor zijn glorieus concept van het vaderland. Twee van de negentien is maar heel weinig. Maar kan men « normaal » zijn als het gaat om het veroveren en uitvoeren van een dergelijke macht? Zij hebben allemaal één karaktertrek gemeen: een niet te onderdrukken dorst om te regeren, mensenmassa’s te sturen. Macht is een krachtige drug. Overigens zijn er veel die ook nog aan een andere sterke verslaving leden: aan alcohol of tabak (Churchill, Alexander de Grote…) aan seks (Catharina II van Rusland, Lodewijk XIV, …) of aan dwangmatige uitgaven (Marie-Antoinette, Lodewijk XIV…).

Er zijn maar weinigen die aan het « hoogmoed- syndroom «, deze pretentie om zich boven alle wetten verheven te achten, weten te ontsnappen. Machtsuitoefening verandert maar al te vaak narcisten en egotrippers in megalomanen. Vandaar een verzameling verderfelijke effecten: gevoel van almacht, verlies van contact met de realiteit, overdreven aandacht voor het uiterlijk, en de neiging om de wereld als een arena te zien voor het laten zien van de eigen macht en glorie. Ik laat mijn boek ongelofelijke voorbeelden daarvan zien, zoals Julius Cesar.

 

Graag nu een paar speciale gevallen: allereerst Churchill…

Mijn diagnose: bipolaire gestoordheid. De patiënt wisselt fases van creatieve exaltatie af met zware depressies – een duik in onpeilbare diepte die Churchill zijn « black dog « noemde. Wat minder bekend is, is dat hij leed aan apneu, ongecontroleerde ademstilstand tijdens het slapen, dat bij hem slaperigheid overdag en moeilijkheden bij het zich concentreren en herinneren tot gevolg had. Bovendien kan dat ook hart- en vaatziekten met zich meebrengen. Ik heb deze apneu-diagnose ook gesteld bij Napoléon met zijn bipolaire gestoordheid. Dit syndroom zou bij dit ouder wordende militaire genie ook zijn monumentale vergissingen kunnen verklaren, zoals zijn veldtocht naar Rusland.

 

En God bij dit alles? U heeft na het lezen van de bijbel zelfs Jehova gediagnosticeerd… Je moet maar durven!

Jehova lijkt mij, zoals hij in het Oude Testament beschreven wordt, één van de meest zieke figuren van mijn negentien beschreven portretten. Een karaktergestoorde, impulsieve en aan scheidingsangst lijdende persoonlijkheid. Net als zijn zoon Jezus overigens. Waarschijnlijk ook een psychopaat, een stoornis die zich zou kunnen vertalen in: ik denk niet, ik doe, ik sla erop los… eventueel bezin ik mij daarna.

 

Welke neuroses hebben aan politieke, religieuze of militaire successen bijgedragen?

Ja, daar kun je je heel wat bij afvragen. Is het niet zijn bipolaire stoornis die Churchill zijn onwaarschijnlijke energie heeft gegeven om de wereld van het nazisme te redden? Is het niet in de middeleeuwen haar fobie voor ontmaagding, verbonden met haar mentale anorexia, die Jeanne d’Arc in staat stelde Frankrijk te ontrukken aan de klauwen van het perfide Albion? Is het niet in de vierde eeuw voor onze jaartelling zijn impulsiviteit die Alexander de Grote de moed of onverantwoordelijkheid heeft ingeblazen om Azië te veroveren?

 

Waarom heeft u bij uw onderzoek hedendaagse persoonlijkheden uitgesloten?

Wie weet zou dat een toekomstig werk van mij kunnen worden. Mijn boek heeft overigens één uitzondering: ik heb de huidige president van de republiek genoemd. U zult ontdekken dat het echtpaar Macron de vereniging is van een alfa-man en een alfa-vrouw, zoals we ook wel zien in een andere, bij de mens goed bekende zoogdiersoort die traditioneel in een meute leeft.

 

Wat Donald Trump betreft, geloven sommigen dat hij alle symptomen van een gestoorde antisociale persoonlijkheid heeft. Anderen denken dat het een eersteklas narcist is zonder een mentale ziekte. Ik zie hem eerder als een impulsieve, volledig mythomane persoon.

Ik wil nu eindigen door mijzelf in zekere zin tegen te spreken… Het lijkt mij in bepaalde democratieën echt mogelijk de macht uit te voeren zonder te lijden aan een afhankelijkheid, een fobie of een bipolaire stoornis, zonder getraumatiseerd, impulsief, verward of megalomaan te zijn. Zwitserland en bepaalde Noord-Europese landen zijn daarvan een voorbeeld: het is absoluut niet noodzakelijk een egotripper te zijn om president van Zwitserland te zijn, want bijna niemand kent je!