Jezus: geen christen, maar tot zijn dood een Jood

Civis Mundi Digitaal #92

door Jan de Boer

Op het eerste gezicht zal het voor veel mensen een vreemde gedachte zijn, dat Jezus geen christen was. Deze stelling is geen provocatie, maar een weldoordachte mening van mijn goede kennis Armand Abécassis, oud-professor filosofie aan de universiteit van Bordeaux en gespecialiseerd in het joodse geloof. Volgens hem moet men twee personen onderscheiden. Aan de ene kant de Christus, «de gezalfde», die door zijn discipelen beschouwd werd als de zoon van God. Voor hen was hij de Messias die de oude beloften ging vervullen, de mensheid bevrijdde en een nieuwe periode in de geschiedenis aankondigde. Aan de andere kant Jezus, Joshua in het Hebreeuws: «de redder», die van zijn geboorte tot aan zijn dood Jood was. Hij interpreteerde de Torah op zijn eigen wijze, tussen trouw en vernieuwing, maar wilde de joodse Wet niet vervangen door een andere. En hij wilde zeker geen nieuwe religie stichten.

Het onderricht van Jezus volgde de rechte lijn van de joodse traditie. Zelfs wanneer er schijnbaar radicale nieuwigheden in te ontdekken waren, zegt Armand Abécassis. Zo ook de zaligsprekingen van de Bergrede: zalig zijn de armen van geest, de gebrekkigen, etc. In tegenstelling tot wat men vaak gelooft, vormen deze zaligsprekingen geen nieuwe gedachte, maar zijn zij een vervolg op vroegere Bijbelse geboden. De zes antitheses die vaak Jezus tegenover de rabbijnen stellen: van de Bijbelboeken tot de Torah, van het Nieuwe tot het Oude Testament, van de Christelijke naastenliefde tot de joodse Wet, enz., zijn ook begripsuitbreidingen en variaties vanuit joods onderricht. Jezus breekt dus nergens met zijn volk, verklaart niet dat de Torah niet voldoet of verouderd is.

Hoe is het christendom ontstaan? De jood Jezus heeft daar geen centrale rol bij gespeeld, maar wel de Evangelieschrijvers en vooral de apostel Paulus en vervolgens de eerste concilies van de kerk die het dogma van de goddelijke identiteit van de Christus vastlegden. Armand Abécassis laat weten dat er alle redenen voor zijn om in ethisch en spiritueel opzicht een continuïteit tussen het joodse en het christelijk geloof te erkennen. Er zijn natuurlijk verschillen, maar de achtergrond is gelijk. Dat betekent ook dat het oude christelijke antisemitisme geen basis en geen inhoud heeft.

Wat Christenen en Joden scheidt blijft, maar beperkt zich tot theologie en het geloof. Het dogma van de Christus, zoon van God, de enige en universele Verlosser blijft de grondslag van de christelijke religie, het fundament van de katholieke kerk en andere christelijke kerken. Maar als Jezus terug zou keren op aarde, zou hij naar een synagoge gaan, en de kerken van Christus wellicht afkeuren.